#016 … Indigo en de oude visser … Finally found luggage!!!!

28 augustus … Topdag! Whooohooo! Eindelijk! Dag 15. Als het goed is gaat onze bagage vandaag naar huis. Als het goed is krijgen we niet meer de ‘hoopvolle’ of ‘zorgwekkende’ berichten die we afgelopen 14 dagen non-stop kregen … ‘Vandaag komt de bagage’ ‘Morgen komt de bagage met die vlucht’ ‘De bagage is er niet, we weten niet waar het is’ ‘We hebben de bagage gevonden, in – Rome of -Amsterdam of -Madrid of -Athene of -Amsterdam of -Munchen … Of wederom Amsterdam.

Raar hoe we een soort van afhankelijk werden. Niet eens meer van de bagage an sich, maar van elke dag een ander verhaal vol beloften en uiteindelijk hoop. Zo raar, terwijl ik me nooit zo afhankelijk voel van dingen … Deze vakantie werden we afhankelijk van dat soort berichten, en van geld op onze rekening …

Maar goed. Dat is nu klaar. Als het goed is … zijn de rugzakken vanmiddag of vanavond thuis. Mama blijft in ons huis tot ze er zijn … Lief! Ze moet eigenlijk naar een feest, en hoopt dat de rugzakken er een beetje snel zijn. Op hoop van zegen dan maar … Muggenbulten. O ja! Shit. De muggenspulletjes zijn in de rugzakken. Straks even iets voor halen. Op Santorini was er geen mug te bekennen. Ook geen krekel trouwens. Op Paros worden we verwelkomt door het geluid van cicades. Dit is het geluid van Griekenland voor mij. We noemen het beestje gemakshalve een krekel, het heet (zang)cicade en behoort niet tot de familie van de krekel. De duizenden soorten van de Cicadidae familie komen op alle continenten voor en varieren in grootte van anderhalve centimeter tot 11cm, waar dan een vleugelspanwijdte van 22cm bij hoort! Hoe warmer het is hoe harder ze ‘zingen’. Ik vind het een heerlijk geluid. Ze drinken plantensappen en zijn bij zo ongeveer elke boom te vinden. Reden genoeg voor Indigo om bij elke boom te stoppen en speuren naar de cicades. We zien dan òf de cicade, of een vervelling/ lege huls. Het vrouwtje zoekt holle stengels of schors van planten om met haar eieren in af te zetten. Het larfje wordt nimf, want ze groeien door te ‘vervellen’, omdat het skelet aan de buitenkant zit. Dat is echt vrij gek. Vroeger dacht ik dat zo’n vervelling een dode cicade was, of een ander soort. Met dat buiten slapen in Griekenland destijds … was het wel even goed bestuderen hoe dat nu eigenlijk ging, voordat zo’n beest in de nacht op je zou gaan wonen 😂

Na een stuk of 5 a 7 keer te vervellen, graven ze zich de diepte in om zich jarenlang, tot wel 17 jaar (!) onder de grond te goed te doen aan de sappen van de plantenwortels. In het voorjaar komen ze vervolgens massaal weer boven, kruipen op stammen en bladeren en ontpoppen zich als cicade. Het getjirp begint opnieuw en de cirkel gaat rond.

De mannetjes gaan op de versiertoer en lokken de vrouwtjes met hun ‘zang’ stridulatie. Ze zijn zeer geliefd bij de Grieken, ook in de klassieke oudheid. Dichters lieten zich er door inspireren:

De krekel sjirpte dag en nacht, zo lang het zomer was. Wijl buurvrouw mier bedrijvig op en neer kroop door ’t gras.   “Ik vrolijk je wat op,” zei hij. “Kom, luister naar mijn lied.”Zij schudde nijdig met haar kop: “Een mier die luiert niet!”  Toen na een tijd de vrieswind kwam, hield onze krekel op. Geen larfje of geen sprietje meer: droef schudde hij zijn kop. Doorkoud en hongerig kroop hij naar ’t warme mierennest. “Ach, juffrouw mier, geef alsjeblieft wat eten voor de rest. Van deze barre winter. Ik betaal met rente terug. Nog vóór augustus, krekelwoord en zweren doe ‘k niet vlug!” “Je weet dat ik aan niemand leen,” Zei buurvrouw mier toen heel gemeen. “Wat deed je toen de zon nog straalde? En ik mijn voorraad binnenhaalde?” “Ik zong voor jou,” zei zacht de krekel. “Daaraan heb ik als mier een hekel! Toen zong je en nu ben je arm. Dus dans nu maar, dan krijg je ’t warm!” Wie leeft van kunst gaat door voor gek. Vaak lijdt hij honger en gebrek.

… (Haha dat laatste … 😳😳) De mier in deze fabel van Aesopus had wel wat minder arrogant mogen zijn, want ze zijn ze niet weg te slaan bij de cicaden. De suikers uit de plantensappen, die de cicaden drinken, worden uitgescheiden in de vorm van een vloeistof waar mieren gek op zijn. Indigo weet dat allemaal. Die vertelde me ooit dat dat met bladluizen en mieren ook zo gaat. Grappig, een blikje dieper in de wereld der insecten…

Paros! Vandaag gaan we eens kijken waar we beland zijn. We gingen compleet zonder strak plan. Santorini heen en Mykonos terug. Tussenin de geplande eilanden … met een opening voor alles wat richting zou geven. Ik heb me niet heel veel verder verdiept dan dat. Vooral ook omdat alles onduidelijk werd. We hebben iig Santorini he-le-maal van top tot teen gezien!

Paros is groter. Veel groter! Het derde grootste eiland van de Cycladen groep, na Naxos en Andros. Het heeft een oppervlakte van wel 195 vierkante kilometer… Toen we gisteren arriveerden was ik verrast door het iets groenere, iets vruchtbaardere. We moesten wennen aan het blanke zand van het strand waar we meteen op kwamen na aankomst. Een overdaad aan knalrode geraniums steekt af tegen de witte huisjes.

Stralend witte huisjes, bouwwerken met kronkelende steegjes zorgen dat we binnen no time het gevoel van richting kwijt zijn. Ik hou ervan. Het ziet er geweldig uit … De ogen worden hier echt verwend.
Ooit moesten we het wit tussen de stenen van de stoep opnieuw schilderen voor de bar in Ios. Weet je dat nog Barbara? Ik weet nog dat ik me toen schaamde, op mijn knieën op de grond. Alle straten zijn hier geplavuisd met gave stenen. Die liggen in verschillende richtingen en het beton of cement waar ze ‘als voegen’ mee vast liggen is wit gekleurd. Op de meeste plaatsen althans. Iedereen zorgt voor ‘zijn eigen stoepje’ … Het ene is net pas fris wit geschilderd. Het andere is nodig toe aan een opfrisbeurt. Anderen hadden geen witte verf maar off-white. En bij sommige stukken zijn de stenen niet (meer) omlijst met witgeschilderde voegen. We ontdekken ook ‘drielanden-punten’ … waar je heel goed kunt zien waar het ene eindigt en het andere begint. Af en toe zien we ook ‘vergeten’ voegen. Of extra toevoegingen zoals een extra rondje, of zelfs een hartje midden op een steen.

Vlak voor de achter-ingang-uitgang van ons hotel ligt een stuk beton waarop wel voegen zijn geschilderd, maar waar geen stenen zijn. Dat zullen we, denk ik, ook vaker tegen gaan komen. Althans zo herinner ik het me. 
Een ontbijt krijgen we in het hotel. Indigo kiest een heeeel vaag ontbijt. Yoghurt. Worstjes. Een gekookt ei. Koekjes. Warme chocolademelk haha. Ik neem yoghurt met noten en fruit en honing. Mjammie. Ieder zijn of haar smaak.

Na het ontbijtje gaan we even zwemmen. Daarna is het tijd om naar de zee terug te gaan. De emmer met zeedieren mag worden geleegd. In Indigo’s nieuwe shirt en mijn nieuwe jurkje gaan we op pad … Het pad van ons hotel naar het strand gaat langs velden. Het is een ommuurd paadje. In de avond zijn er gelukkig lichtjes. Het was namelijk anders gisterenavond pikdonker. En het is minimaal 15 minuten door het kleine smalle pad. Bij ons duurt dat zeker 45 minuten. Onderweg moet er een kever gered worden die midden op het pad zit. Zodat niemand hem plat kan trappen. Een supergoed gecamoufleerde kleine gekko ofzoiets is 1 van de hagedisachtigen die de aandacht trekt. Indigo draagt zijn schepnet en rugzakje met flesje water, onze portemonnee enzo. Ik draag de dweilemmer met visjes en zeedieren. Ik wissel van hand om de paar minuten. Best zwaar zo’n emmer water. Haha ik ben die moeder die dat wel draagt. Als we bij de zee aankomen wil Indigo het zelf dragen. De emmer wordt geleegd. Doei visjes, dag zeester, ajuus slak, byebye garnaal etc.

Natuurlijk zwemmen er weer allerlei andere interessante creaties van de natuur in het kraakheldere water. Na wat grote schatten te hebben gevangen, breekt de stok van het schepnet. Krak. Dwars doormidden. Indigo is in tranen. ‘Wat nu mama?’ … Ik wil gewoon de rugzak met mijn vishengel en ik weet wel dat dat niet kan … maar …

Hij probeert het met zijn gebroken schepnet. Er komt precies op dat moment een oude visser aan. Hij ziet het gebeuren. Hij komt naar ons toe. Geen woord Engels. Hij praat in het Grieks. Indigo in het Engels. Er worden handen geschud. Hij heet Vasili. Indigo stelt zich voor. De man wijst naar Indigo’s blauwe ogen en naar zijn eigen blauwe ogen. Ze lachen. Indigo geeft hem de 2 stukken van zijn schepnet. Hij mompelt wat. Hij gebaart Indigo dat ie moet wachten want dat hij terugkomt. Indigo vist verder. Indigo is zichtbaar ontroerd. ‘Wat een lieve man hè mama!’ Vasili loopt naar een bootje een stukje verderop. Er is hier verder niemand. Het is nog stil in de haven van Parikia. Vissersbootjes gaan aan het einde van de dag pas weer weg. En de ochtendvaartjes zijn al lang voorbij. De zon wordt te warm om te vissen. Hij komt terug met een stuk slang en een touwtje. De twee uiteinden gaan in de slang. Het is net te krap. Het middenstuk blijft slap. Ik zie vlakbij mij een stokje liggen van ‘dat wat ik als souflaki ken’. Ik wijs ernaar terwijl ik Indigo’s naam zeg. Indigo snapt het. Een spalkje. Hij geeft het aan Vasili. Die steekt zijn duim op en knikt. Ik kijk een stukje verder of er nog meer mensen bruikbare troep hebben achtergelaten. Tussen de stenen, die als golfbrekers werken, zie ik nog wat stokjes. Vasili knikt. Hij gebaart Indigo om het vast te houden. De twee vissers fixen samen het schepnet. Met een stuk slang, stokjes, touw en een zakmes. Indigo geeft hem een hand en zegt ‘Thank you’. Vasili houd een onverstaanbaar verhaal en legt de hand op zijn hart. We bedanken hem nogmaals. Indigo is superblij. Hij kan weer naar hartelust verder met zijn vangsten. Er wordt heel wat onderzocht en gevangen en gepoogd te vangen. Vasili staat zijn bootje te hozen. En loopt af en toe wat op en neer langs de bootjes en tuurt in het water.

Na een uur of anderhalf komt hij naar ons toe en geeft ons een tasje. ‘Souflaki’ zegt hij. Wat lief!!! Hij komt ons gewoon 2 pita met ‘dat wat hij souflaki noemt’ brengen. Wauw! ‘Patates’ … Zegt ie erbij. Er zitten wat frietjes in. We nemen het aan, dankbaar en vol met euhmm … iets als liefde. Zo lief! We praten nog wat onverstaanbaars met elkaar. Mijn eet-zo-weinig-mogelijk-varkensvlees en glutenvrije dieet word uiteraard overboord gegooid. Smakelijk smullen wij van onze gift. ‘Mama wat gebeurd er allemaal alléén maar door een kapot schepnet’ ❤️👌 Toen we afgelopen week met Olga en Christiana op het terras zaten hadden we het er nog over … Dat in sommige delen van Griekenland Souflaki een stokje met vlees is, en in andere delen een pita met vlees. In Santorini was het een stokje. In Paros een pita. Grappig. Als het aan Indigo ligt kunnen we hier wel de hele dag zitten. Dat doen we niet. De vangst gaat terug in zee. We gaan naar het oude kasteel midden in het centrum van … en komen onderweg eerst de historische begraafplaats tegen. De oudste en meest complete begraafplaats uit Griekenland, zeggen ze hier. Met tomben waarin massagraven zijn van oa 140 omgekomen warriors ergens tussen 800 en 200 voor Christus. Mensenskeletten en het skelet van een klein paard liggen zichtbaar ‘tentoongesteld’ in het hokje naast de begraafplaats. Bizar. Als we verder lopen steekt de wind op. Die waait onder mijn jurkje. Shit. Bij Marlyn Monroe is dat leuk. Bij mij minder. Met 1 hand houd ik mijn jurkje vast. Met de andere hand de lege dweilemmer. We lopen voorbij een prachtig kerkje en mijn oog valt op de combinatie van mooie kleuren blauw. Het oude kasteel heeft een trappenpadje naar boven. We vinden kleine huisjes. Blauwe deurtjes. Luikjes. Alle tinten blauw. Af en toe een vleugje groen. De straatjes geplaveid met de eerder omschreven witgekalkte voegsels. De wind komt hier niet. De zon staat recht boven ons. Dan doemt er een muur op van het kasteel. Wat is dit? Waarom de ronde schijven? Zijn dat oude molenstenen van de talrijke molens die in deze omgeven staan en stonden? Af en toe zoeken we schaduw. Ik vind dit zooooooo mooi. Idyllisch. Authentiek. Het heeft zo’n soort van romantiek, gezelligheid, waar je … denk ik … als je verliefd bent, vanzelf in een straatje gaat staan te kussen. Hier is niemand te zien. De huizen zijn wel bewoond. Het ruikt naar de Griekse keuken, de zilte zee en vers gewassen wasgoed aan de lijntjes. Aan de buitenwanden heeft iedereen een zichtbare elektriciteitsmeter. Dat heb ik nog nooit eerder ergens gezien. Of het is me niet eerder ergens opgevallen. Half 4: bericht van mama. De rugzakken zijn thuis! Yes! Niet helemaal compleet. De beschermhoezen en spanriemen zijn eraf. 1 hoes zit er wel los bij, maar is stuk, de dunne jasjes die aan de tas gebonden waren zijn eraf. 1 paar sandalen (gelukkig die van Indigo) is er, het andere paar is er niet. De leren naamtags zijn er ook af. Raar! De man die de rugzakken bezorgt heeft zegt dat ze vermoedelijk bij de douane zijn gecontroleerd en dat we moeten doorgeven wat er kwijt is. Ik had mama gevraagd of ze meteen bij levering een foto wou maken. Volgende week maar eens checken of voor de rest alles compleet is …

Hoe dan ook, het meeste zal thuis zijn. Jippie! Dat geeft wel rust zeg!

Nu hoeft ik me ‘alleen nog maar’ zorgen te maken over alle kosten. En niet meer over wanneer we kunnen kamperen. Dat kunnen we namelijk niet meer. We gaan de terugkomst van de bagage vieren met een ijsje. Een flinke wandeling vanaf het strand richting ‘daar zal via een omweg ons hotel wel ongeveer zijn’ brengt ons in mooie stille plekjes voordat we helemaal terug moeten lopen omdat het nergens op uit komt. Achter ons hotel Eri loopt een schaapsherder. Om 20.00 komt onze scooter, motor, iets, ding op wielen. We gaan maar eens een stukje omhoog. Het is al donker aan het worden. En donker is hier donker. Gaaaaaaaf al die lichtjes! Na een uurtje of anderhalf zijn we terug ‘thuis’ … Morgen gaan we toeren. En naar Andiparos. Met de scooter op het veerbootje vanaf Pounda … Toen ik daar ooit was, in Andiparos, was het autoloos. Nu niet meer geloof ik …

Er is een grot. En grotten zijn cooooool. Sprookjesachtig.

We gaan er helaas niet kamperen of logeren, maar er wel naar toe … Leuk!!!! Lekker op de wielen. Lekker op het water!

Vanaf Paros kun je ook zeilen! … maar dat, doen we maar eens een andere keer … Morgen weer meer ❤️👍👍👍👍

#012 … Lost it … again! 

Woensdag 24 augustus. Dag euhm 11 …Indigo droomde terwijl hij wakker was. Of andersom. Verhalen in zijn slaap. En gegiechel. Met een glimlach op de lippen valt hij weer in diepere slaap. Om wakker te worden ergens halverwege mijn droom. Keelpijn. Hoestdrankje. Ik slaap diep. Ik brabbel wat. Ik hoor hem wat rommelen met de koelkast. ‘Ik heb geknoeid’ ‘Geeft niet, morgen weer een dag’.
Oefff buikpijn. Misselijk. Gisteren zeker teveel chocolade gegeten. Of iets wat niet zo lekker viel. Kramp. Gaat weer over.

Vandaag voelt spannend. De bagage gaat komen. Nu echt. Heeft de dame van Avia Partners gezegd. Deze ochtend om 06.00 gaan de rugzakken op de vlucht! Jippie! Dan moet de bagage overstappen. En dan komt de bagage naar Santorini. Dat zal even duren om te verwerken. Het heeft dus geen zin om in de ochtend naar de luchthaven te gaan. In de avond zullen ze ons bellen. Ze tipte me om zelf ook even te bellen in de avond.

Vol positieve moed gaan we vandaag op pad. Vandaag gaat het dan toch echt gebeuren! We gaan de route inkorten. Niet de unieke kleine eilandjes bezoeken. Maar direct naar Paros. Misschien Anti-Paros en dan naar Pyros en Mykonos. We hebben nog een ruim weekje te gaan. Dat is niet veel meer. Geeft geen ruimte voor vaartochtjes van rechts naar links. Maar in elk geval gaan we nog kamperen en backpacken … Einde aan de hotelkosten.

Het bezoeken van de archeologische opgraving van Ancient Thera betekent een vroege start in de ochtend want we willen niet neergesabeld worden in de hitte van de schaduwloze rotsen. Het is rustig in de bus. Hèhè dat is ook eens fijn. We rijden richting Kamari. Daar moeten we omhoog. De berg op. We twijfelen. Gaan we omhoog lopen of omhoog rijden? Vanaf de top gaan we straks iig naar Perissa lopen, dat is veelal omlaag.
Indigo heeft buikpijn. Steken. Kramp. Ook. Toch iets gegeten dan gisteren wat niet lekker valt? Dan gaan we geen anderhalf uur naar boven lopen in de felle zon.
We kopen een kaartje voor een busje. We zijn de enigen die omhoog gaan.

Wat doen al die toeristen hier echt? Alleen strand en shoppen? … Hoe dan ook … Wij doen dat lekker niet.

We mogen met een autootje mee. Een blauw mobiel. Een busje is niet nodig want er gaat niemand anders omhoog. Fijn al dat blauw.
Deze man heeft ook mijn lievelingsmotor in zijn garage staan. Een fraaie bmw. Als Indigo wat groter is gaan we dat ook eens doen misschien. Toeren op de motor. Ik heb tenslotte niet voor niets ooit een motorrijbewijs gehaald. Dan moet ik nog wel even sparen… voor een mooie motor. En niet zulke flaters slaan met vakanties en oplopende kosten waar je U tegen zegt. Of op z’n Bosch ‘Uwes’ …

Vandaag komen mijn maatwerk keukenbladen. Die moeten vandaag ook betaald worden. Het is ergens maar goed dat ik niet voorzien had dat deze vakantie een financieel fiasco zou worden. Verdorie waar moet ik dat allemaal van betalen? Dan had ik die keuken nooit deze zomer aangepakt. Waar blijft het buffertje wat zo broodnodig is, als alles door je vingers wegschiet … weer een nachtje verder … en weer een nachtje, en weer een week … En ik wil zo graag een buffertje houden … en een buffer opbouwen … want als je leeft van het maken van kunst, is het nooit zeker hoe de volgende maanden eruit gaan zien. Niet in paniek schieten Anne. Adem in. Adem uit. Komt goed. Het is maar geld. Dat is waar. Twee duveltjes op mijn schouders. Ze voeren strijd. Van ‘relaxxxx’ (wat meestal mijn modus is) tot ‘stresssss’ (wat helaas ook meer dan weleens voorkomt) …

De man die ons brengt vraagt hoe oud Indigo is. 10 jaar. Hij heeft een dochter van 10 en een zoon van 17. In Armenië. Ze zijn nu even hier. Als het financieel slecht blijft overweegt hij om terug te gaan naar Armenië. Hij werkt al 17 jaar in Griekenland in het seizoen. Om de 6 a 8 weken gaat hij even naar huis. Hij belt elke dag met zijn kinderen. Dat is andere koek … dan bagage-issues.
Maar toch … Als we deze opgraving gezien hebben, hebben we alles gezien in Santorini. Daarna willen we echt weg! Verder gaan. Ik voel me rusteloos worden.

Verdorie deze trip moeten we helemaal opnieuw gaan maken. Om al die eilanden te bezoeken. Het plan was toch verdorie om te eilandhoppen. Grrrrrr … Maar wanneer? Het voelt echt als tijdverspilling, deze ‘wachtstand’ … Misschien lijkt dat op afstand anders, omdat we toch de hele tijd leuke dingen doen. Dat doen we ook. Maar het is niet dat wat het plan was. En dat we leuke dingen doen … zit in het bloed.

Een dergelijke vakantie opnieuw doen … Dat gaat het denk ik dan worden. Maar wanneer? En hoe?

Indigo is de helft van de vakanties bij mij. En zoals het er nu uit gaat zien … Kunnen we een wintervakantie wel vergeten.
Of … Zou het idee van Geert toch een goed idee zijn? Crowdfunding? Voor de reisverhalen? Of het idee van Michiel? Dat al mijn bijna 3.000 volgers op facebook ons een financieel steuntje in de rug gaan geven? Hm. Morgen hopelijk bagage. Einde aan de dagelijkse grote uitgaven. De hotelkosten lopen per dag op. En niet zo’n beetje.

#Aegean moet toch wel echt gaan vergoeden. Als ze niet elke keer hadden gezegd morgen … Maar gewoon ‘ik weet het niet’ … Zouden we dan gewoon vorige week zijn gaan hoppen sinds we een tasje hebben? Ik denk het wel.
Shit, soms ontglipt me even mijn alles-overstijgende optimisme. En dat komt ondertussen niet meer door de bagage an sich. Niet meer door de spullen an sich. Maar door, telkens weer de belofte, die ons dan hier houdt. Want waarom zou ik gisteren weggaan als vandaag de bagage komt? Moeilijk doen met het speuren naar een hotel wat betaalbaar is. Niet schrikken maar de meeste kamers die je wel kunt vinden zijn tussen de 450,- euro en 5.400,- euro per nacht. Het speuren naar iets betaalbaarders is een helse klus. Dus daarom … is wachten dan blijkbaar voor nu alsnog het beste?

En telkens weer dat enthousiasme, de euforie van ‘morgen komt het!!! vandaag komt het!!! … En dan de deceptie … ‘O het is er niet’ … En dat dan meteen weer … ‘Morgen gaat het op het vliegtuig! Jippie! … Vandaag komt het!’ En weer die teleurstelling! Verdorie. En nu dan sinds een paar dagen ECHT goed zicht op de bagage. … Dus weer enthousiasme! Straks is de bagage er echt … Toch? Ja toch?
Maar goed. Klaar met het geklaag nu. Al is dat eerlijk gezegd wel onderhand wat het is. We zetten ons er elke keer wel overheen.
Op naar Ancient Thera. Boven aangekomen waait het stevig. Indigo’s haar is los. Het waait in zijn gezicht. Het waait alle kanten op. ‘Mamaaaaaaaa dit is niet fijijijn!’ Tranen. Hij ziet niks. En dat vind ie helemaal niks. Vooral niet als we de kant opkijken waar we naar toe moeten. De haren zwiepen door zijn ogen. Ik heb 2 elastiekjes in mijn haar. 1 gaat er uit. Indigo’s haar gaat in een staart. Hij blij. Ik blij. Aan de wandel. Waar is het pad? Er staat een hokje boven op de berg. Rara wat zou dat zijn?

Wat een uitzicht!!!! En wat heerlijk die wind! Ik hou ervan! De wind die gedachten wegwaait. Met zich mee neemt. De wind die je oren niets anders laat horen en voelen dan wind, ruis, gefluister … en die langs -weten-wij-veel-wie-of-wat-eerder- is gewaaid.

Pats! Zegt mijn elastiekje als de wind aan mijn haar trekt. (Vandaar de 2 stiekjes) Losse haren vanaf nu. Heerlijk ook. Het voelt alsof je op de boot of op de motor bent en de wind speelt met je haar. Of aan het strand staat met een heftig windje.

 Het uitzicht vanaf dit punt van het eiland is wederom adembenemend. Wij zijn hierboven. Het is hier overal mooi. Links van ons kijken we neer op Kamari. Daar komen we net vandaan. Rechts van ons kijken we neer op Perissa. Daar lopen we straks naar toe. Het is 11.00 nu. De wandeltocht begint. Ik ben benieuwd wat we gaan zien, beleven, voelen, ervaren … Op deze karakteristieke rots, genaamd Mesa Vouno die fier omhoog rijst uit de zee. 
Bovenop deze berg is het pad dat ons leidt naar de archeologische pracht van Ancient Thera.

Hier gaan we de resten zien, de ruïne van een grote nederzetting uit het Dorische tijdperk. En bij elke stap weer een waanzinnig tof uitzicht. Overal om ons heen zien we delen van een oude stad.
En oneindig veel stenen. Indigo is altijd op zoek naar de perfecte steen om vast te houden. De stenen in de zon zijn gloeiend heet, ook al zijn ze licht van kleur. De stenen in de schaduw zijn heerlijk koel. Uiteindelijk gaat er een steen mee in de hand, die half warm en half koud is. En … die natuurlijk lekker in de hand ligt.
Op het strand van Kamari liggen mensen zij aan zij. Zij liever dan wij. Soms zijn we even aan het einde van de wereld. ‘Niet te dicht bij de rand Indigo’ … Ik kan het niet laten. Een alles-betekenende-blik naar mij, die zoiets zegt van ‘ik ben niet dom ofzoooooo’ … De delen van het oude Thera zijn afgezet met een draad. Tot hier en niet verder. Niet consequent, maar wel hier en daar. Waarom dat op de ene plek wel zo is, en op de andere plek niet, is een raadsel.

Wat mijn ogen altijd streelt bij dergelijke bouwwerken uit de oudheid, zijn de stenen die zodanig zijn opgestapeld, dat ze met elkaar een perfecte wand vormen. Dat bouwen moet heerlijk zijn geweest. Het passen en meten totdat het goed stevig en dicht is.
‘Mag ik nog 1 steentje naar beneden laten denderen?’ Ik zeg Indigo iedere keer als deze vraag komt, dat hij goed moet kijken, als hij steentjes laat rollen, dat dat alleen op een plek kan waar zeker geen mensen onder hem zijn’ … ‘Mama er is hier niemand’ … 

Klopt. Maar toch. We hebben een gesprekje over dat dingen vaart krijgen als ze naar beneden gaan.
Na een stukje wandelen begint het ‘echte pad’ blijkbaar pas. Voeten optillen. Het is hier echt zoooooo gaaf boven!
In deze alles verzengende hitte is het een perfecte plek voor reptielen. Indigo kan zijn hart ophalen. Hij heeft het over berghagedisjes en smaragd-dinges … ‘Mama je kent toch wel Emerald Dragons?’ … Euhm nou blijkbaar sinds vorige week hahaha. We zien rood-achtige, groenige en grijzige kleine hagedissoorten. Tussen de droge begroeiing horen we telkens geritsel …
‘Mama het is hier zooooo mooi! Ik zou hier wel gewoond willen hebben, dan was ik een oude Griek!’ ❤️

Dan plots een Emerald Dragon (schijnt) recht voor het lensje van mijn telefoon. Moet je kijken wat gaaf! Die pootjes! De kleuren, de schittering op zijn huid. Als er hier iets Ancient is, vind ik dat ook van deze reptielen, die de tijd al heel lang doorstaan. 
Na 1700 voor Christus werd Thera (hoe het eiland toen genoemd werd) getroffen door een vulkanische uitbarsting. De prehistorische stad van Akrotiri kwam, zoals ik reeds eerder beschreef, onder een dikke laag as terecht. Het eiland bleef volgens de onderzoeken eeuwenlang een woestijn met hier en daar tijdelijke nederzettingen. 
We komen een fantastisch tableau tegen. Een wand met een beeldhouwwerk door priester Artemidoros, gemaakt naar aanleiding van zijn droom. Wat we zien is waanzinnig! De arend van Zeus, de leeuw van Apollo en de dolfijn van Poseidon.
Vanaf ongeveer de 8ste eeuw voor Christus vestigden de Dorische kolonisten uit Sparta zich hier onder het leiderschap van Theras, aan wie het eiland destijds zijn naam dankte. Deze plek werd een administratief en religieus centrum. 
Het is hier echt een plek om je neus op te halen met een dagje cultuursnuiven. Pilaren, al dan niet bewerkt. Stenen in onwaarschijnlijk zware grote rechte formaten. Kleine randjes met kleine stenen tussen de grote. 
Als je goed kijkt, zie je zoveel moois en ook zoveel waar ik me bij afvraag hoe mensen dat deden in die tijd. Het is werkelijk indrukwekkend. En groot ook. Huizen leken gebouwd te zijn op terrassen. We zien kerken. Romeinse badplaatsen. Gymnasia. Heiligdommen. Van Apollo. Van Afrodite. Van Hera. Van Egytische Goden ook. We zien een theater. Net buiten het centrum liggen begraafplaatsen verspreid tegen de bergwanden. Geplaveide wegen en kleine paadjes maakten de verbinding naar de havens links en rechts van de berg.

Tussen alle oudheden door vindt Indigo leven. Hij wil zoooo graag een hagedisje bestuderen. Hij speurt in alle gaten en hoeken op plekken waar hij vermoed dat ze zitten.
En we vergapen ons aan de wanden die overal opdoemen. En aan de hoogten van deuren waar Indigo wel, maar ik niet rechtop onderdoor lijk te kunnen lopen. De plek heeft veel bewoners gehad. Van Spartaanse kolonisten tot Egyptenaren.

Stenen zijn van xxs tot xxl. Indrukwekkend.
Zodra we schaduw vinden onder de bomen ruiken we hars. Zien we vogels die zich te goed doen aan insectjes en kleine reptielen.

Ik raak werkelijk geïnspireerd door de structuur van de stenen. Dat heb ik altijd. Het fascineert me. Het bouwen. Stapelen. De structuur. De vorm. En de natuur die altijd haar weg terug hervindt tussen alles door wat wij mensen ooit gebouwd hebben.
De paden zijn oneffen. Je voeten op de juiste plek zetten is niet vanzelfsprekend. Over je eigen tenen struikelen wel, als je niet oplet en in dromenland raakt.
Het is hier stil. We hebben alle rust en ruimte om op ons gemakje rond te kijken, te filosoferen, ons een voorstelling te vormen van hoe het hier was.
Vogels suizen door de lucht. Wat moet dat fantastisch zijn. Over bergen en zeeën.  ‘Mama ik wil in mijn volgende leven graag een vogel zijn, mèt jou, en dan ben ik jouw papa of mama en ga ik voor jou zorgen, de hele tijd, netzoals jij nu altijd voor mij zorgt’ … ❤️ … ‘Is dat eigenlijk veel werk om voor mij te zorgen?’ 😂👌 ‘Mama ik denk dat ik wel ergens rond mijn twintigste kinderen wil, het lijkt me zo leuk, en dan ga ik ook met ze op reis, zoals wij altijd doen’ … ❤️ … oneindig veel gesprekken. Elke dag weer. Al 10 jaar lang. Mooi mens, die zoon van mij.

Er staat nog zo’n hokje hier. Er zit een man in met een fluitje. Hij houd de wacht. Als er iemand iets doet wat niet mag, dan fluit hij.
En soms is er ineens wat groen. En dan is het ook echt groen. Fijn tussen al het droge dorre en stoffige.

We komen amper iemand tegen. Ik hou daarvan. Van dat het ‘privé’ is. Dan voelt het exclusief en loopt er niemand in de weg.

Ergens onderweg begint iemand tegen ons te praten. In het Nederlands. Een jong stel. Ze hoorden onze gesprekken. We lopen een stukje samen. 
Een foto van ons 2! Ook leuk want naast de selfies lijkt het meestal een fotoverslag van Indigo die op vakantie is.
Met z’n vier lopen we het komende uur. Indigo kletst voluit. Echt zijn mond is net een waterval waar woorden uitvloeien. Moeiteloos doet ie de ene spreekbeurt na de andere. Hij vind gretig aftrek want er is gespreksstof genoeg.

Ze zijn met de scooter naar boven gekomen, via Kamari. Om de berg heen, dat is een hele toer. Straks als wij naar beneden klauteren, rijden zij er waarschijnlijk langer over dan dat wij lopen, bedenken we met z’n viertjes.
Ondertussen genieten we van duizelingwekkend veel moois. De stenen waarmee de huizen gebouwd zijn is in overdaad aanwezig hier. Het is gaaf hoe de grilligheid van de berg moeiteloos overgaat in de bouwwerken van hetzelfde materiaal. 
Tof dat, ondanks de aardbeving en vulkaanuitbarsting in 1956 toch nog heel veel zichtbaar is, en muurtjes half zijn blijven staan. Hier en daar gestut … Maar dat even terzijde. Waar je ook kijkt zijn restanten van bouwwerken te zien. Beneden ons. Boven ons. Links. Rechts. Voor. Achter.

Een vliegtuig! ‘Zou daar onze bagage in zitten?’ … Zucht. Waarom hebben we in hemelsnaam bagage? Waarom hebben we niet nòg minder meegenomen en datgene in de handbagage gedaan? Nou ja. Meestal doen we de dingen zodanig zodat ze op dat moment het beste lijken. Als je daar achteraf spijt van krijgt en het is door eigen toedoen, dan is dat stom en suf en neem je je verlies en ga je door.

Als echter, zoals wij nu, je in wachtstand en verwachtingsstand staat … Door elke keer de belofte …

Zucht … Daar gaan we weer. Gedachten aan de bagage. 
We dalen langzaam af. Het stel is 2 weken in Perissa. Morgen is hun laatste dag. Indigo verteld dat wij eigenlijk nog gaan eilandhoppen. En al 11 dagen op onze rugzakken wachten. Ze vragen wat ons volgende plan is. ‘Stappen jullie dan ongepland zomaar op een boot?’ … Ze waren bij de havens geweest en verbaasd geweest door de chaos. Het meisje zei dat ze liever toch dingen georganiseerd zou hebben zodat ze wist waar ze aan toe was. Als ze überhaupt ooit zou gaan eilandhoppen dan zou ze alles van te voren graag willen plannen. Ik herinner me dat Barbara en ik naast een ronkende boot in zo’n haven een hele middag geslapen hebben, half op onze rugzakken.

Mooi hoe mensen verschillend zijn.
Ik herinner me ineens hoe ik tegen een opdrachtgever zei dat we de heenreis en terugreis hadden geboekt en de rest nog helemaal open stond. Dat ik dat graaaaag niet helemaal georganiseerd had. Hm … Heb ik het op me afgeroepen? Hum. Hum. De ‘schuld’ bij jezelf zoeken, is niet een erg goed idee als je gewoon betaald voor je vlucht en je bagage in incheckt.
We lopen nog wat. Indigo kletst oneindig. Vol enthousiasme. Over al zijn diertjes. Over school. Over vakanties. Over vanalles. We drinken met z’n vieren nog een drankje in de hitte. Dan gaan zij op de brommer. Volgende week weer aan het werk en naar school. Hij is energie adviseur. Zij studeert psychologie. En wij … zetten ons avontuur voort. Bergafwaarts.

Hier ongeveer naar toe. Daaronder moeten we zijn. En dan nog een stukje verder naar zee. Onze traditie: de voetenfoto. Grappig want we hebben foto’s van grote met kleine voetjes. Nu scheelt het nog maar 2 maten. Indigo heeft een mooie wandelstok meegenomen onderweg. Die gaat hem goed van pas komen. Het pad schijnt steil te zijn. 
Hier waait het weer stevig aan deze kant. Haren waaien in mijn mond. En dan … Alsof de windgoden mijn verzoek verhoren … een stoffig elastiekje recht voor mijn voeten. ‘Bheee mama dat is toch vies’ … ‘Ja dat is, maar dan was ik straks mijn haar toch extra 😉 in elk geval kan mijn haar nu op een staart’ …
Daar gaan we. De berg is indrukwekkend. De hitte ook. Schaduw is er niet, volgens mij. Nauwelijks schaduw volgens Indigo, haha of je moet onder de berg gaan liggen. Daar beneden halverwege in het dal is iets wat onze aandacht trekt. Wat zou dat zijn? Hoe is dat ontstaan? De hand der natuur? Of mensenhanden? Het is goed dat we stevige schoenen dragen 😉 want het pad kruimelt onder onze voeten weg. (Had ik deze zin niet eerder uit mijn brein laten ontspruiten? Op het pad van Oia naar Fira?) Indigo draagt stevige schoenen. Ik draag mijn slippers. Het pad draagt de naam van profeet Elias die van bergtop naar bergtop ging. Wij volgen de voetsporen van Elias.

Het is mooi! Indigo staat om de haverklap stil om alles goed te bekijken. ‘De oude Grieken woonden echt heel mooi mam’ … Hij heeft een mooie kijk op de wereld vind ik. En is in contact met alles. ‘Mama zullen we zo’n steenstapel maken?’ Haha. De structuur van de berg verandert langzaam. Meer laagjes. Minder grof. Poreuzer. Kleinere structuur. En hier en daar een zwart blok met rode delen. Alle kleuren van de stranden zijn hier verenigd. Zwart. Rood. Wit. Soms moet er iets onderzocht worden. Indigo heeft alle tijd van de wereld. De hitte boeit hem niet. Het zweet parelt op onze gezichten en armen. Tussen mijn borsten. Op onze ruggen. Daar ergens een stuk verderop is mogelijk schaduw. We zijn sinds onze start van boven naar beneden al anderhalve liter water verder. We droegen 2,5 liter mee. We moeten nog een heel eindje. Het is geweldig. Dit is waar we van houden. We komen niemand tegen. En niemand haalt ons in. Er is voor ons en achter ons niemand te zien. De berg is van ons. Heerlijk om gewoon anderhalf uur helemaal niemand, niks, nada tegen te komen.

We bestuderen de details. We zien allebei echt. Echt kijken is anders dan als een kip zonder kop ergens zijn. We snuiven de omgeving op in al haar schoonheid en variëteit. Zijn dat kunstenaarsogen? Beelddenk-gedrag? Het zien. Benoemen. Delen.
Hier zijn we in ons element. Als Indigo groter is doen we dit mèt backpack. Zulk soort dingen. Volgend jaar misschien? De berg over, en op zoek gaan naar de volgende plek. Dat is wat zo heerlijk is aan backpacken. De vrijheid om elke dag verder te trekken, of te blijven als je wilt.
Griekenland zou backpack-light worden. Van plek naar plek. Van camping naar camping op alle hoeken van de eilanden. Van eiland naar eiland. En dan … Om 16.45 zijn we beneden. We hebben vanaf 11.00 gelopen, geklauterd, gewandeld, geklommen. We hebben het stikheet. Willen koud drinken. Eten. En een duik nemen in de zee.

Nu nog langs de berg … Richting het water. En yessssss … We ploffen neer …

We bestellen een visschotel voor 2, en verse ananassap en verse perziksap. De camera’s van onze telefoons zijn op voordat het eten en drinken er is. Jammer want het zag er super uit! We zwemmen … En voelen dan de drang om naar ‘huis’ te gaan. De telefoons op te laden, want de bagage … Die komt straks!

De bushalte is drukdrukdruk. De bus komt. Alleen mensen met kleine kinderen mogen mee. Indigo is niet klein. De volgende bus duurt een uur.
Wij lopen naar het appartement waar we onze eerste nacht hebben doorgebracht. De dame lacht. Ze vraagt of onze bagage er is. ‘Nee’ ‘Neeee???’ … We vragen of ze een taxi wil bellen.
Na een kwartier komt de taxi. We worden met een grote glimlach ontvangen. De man komt uit Athene. Hij woont daar met zijn vrouw en 2 kinderen van 9 en 11. Hij werkt sinds 12 jaar in Santorini in de zomer, 6 maanden. Hij heeft zijn vrouw ontmoet het eerste jaar dat hij hier werkte. Ze is een Duitse. De kinderen hebben in de zomer 2,5 maand vakantie. Dan is het gezin compleet want komen ze naar Santorini.

Indigo is jaloers. Hij wil ook wel 2,5 maand zomervakantie. De man brengt ons bij Pension George. Daaaag!
Telefoon aan de lader. Berichten checken. Gemiste oproepen checken. Mail checken.

Alleen iets over een expositie in oktober. Dat is van latere zorg. Ik bel Santorini Airport. Geen gehoor. Ik bel AviaPartners. Geen connectie. Het loopt dood met doorschakelen omdat ik bij de luchthaven moet zijn waar het rapport is opgemaakt: Santorini dus. Kutzooi. Ik sms Olga. We gaan even zwemmen in ons zwembad. Even afkoelen. Een half uurtje later: geen goed nieuws. Er is geen bagage. Verdomme! Hoe kan dat nou!! Grrrrr …

Wat wil het leven ons vertellen?!!!
We zouden nog naar Fira zijn gewandeld om te gaan eten. Maar na het slechte nieuws hebben we allebei zoiets van ‘bheee’ … We bestellen eten, gevulde paprika en aardappeltjes met vlees. Simpel.

Het wordt 20.00 – 21.00 – 22.00 … We kijken elkaar af en toe aan met een blik met opgaande werkbrauwen. We spelen een spelletje. Ik schrijf. De stilte is voelbaar. De vraagtekens in onze hoofden bijna hoorbaar.
Ik zou wel tegen iets aan willen schoppen. Indigo zou wel wat oud serviesgoed stuk willen smijten. ‘Hoppaaaa!’
‘Het komt wel’ zegt Indigo als ik een beetje sip ben. ‘Het komt wel’ zeg ik, als Indigo boos is.

Olga belt nog. Ze is weg bij de luchthaven. De bagage is niet weggegaan uit Amsterdam. Morgen om 06.00 komt er weer een vlucht. Misschien dan. Laten we het hopen.

We lezen in Harry Potter. Dat is verdraait lastig in het Engels.

Welterusten … Morgen. Morgen. Morgen.

#009 … Found Atlantis …

Zondag … 8 dagen geleden gingen we bepakt en bezakt naar Schiphol … Vanaf dat moment ging alles anders dan gepland. Ik ben benieuwd wat deze dag ons brengen gaat. Bagage misschien?
Het is me toch wel een ‘soort-van-grappig’ verhaal aan het worden voor de buitenwereld ondertussen. Iedereen ‘leeft mee’ en smult ervan. Voor ons is het alleen niet persee grappig, en duurt het te lang. Omdat elke dag een vraagteken is, en elke dag een veel te grote kostenpost. Waarvan iedereen zegt dat we dat kunnen declareren. Maar we moeten het natuurlijk wèl voorschieten nu. Maarrrrr … we incasseren. En genieten …

Ik dacht om Indigo, nu hij wat groter is, mee te willen geven dat je met bijna niets, met een rugzak met wat spullen en met wat geld en een portie goede zin, de hele wereld over kunt. Ik heb zelf met name tijdens mijn studieperiode de halve wereld gezien. Rugzak. En go.
Ik dacht … Dat is leuk. Voor Indigo. Als ie straks groter is en wil reizen, heeft ie al wat bagage, kennis, ervaring …

Nu is Indigo best al op heel wat plekken geweest. Maar nog nooit met de backpack … Mission failed. Het was in de zomer van 2012 dat we voor het laatst echt op zomervakantie waren. De jaren daarna hebben we in Nederland doorgebracht. Dat had ik eerder nog nooit gedaan. Gezondheidsissues en bijbehorende crisis. Ooooo wat was ik toe aan een echte vakantie dit jaar, even warmte en genieten, geen werk, geen stress, even niets …
Nou ja wie weet komt het nog … Of anders moeten we met de kerstvakantie een nieuwe poging doen … Als ik dan uberhaupt nog ergens naar toe kan, als er althans een vergoeding komt voor deze mislukking … En dan gaan backpacken, zodat we dat kunnen doen, en ik niet die hele aanschaf van al die spullen ‘voor niets’ heb gedaan.  In principe kijk ik daar wel heeeeeeeel erg naar uit. Alleen dan is Griekenland niet te doen met de backpack. En dat was het hele plan. Het lekkere simpele no-nonsense staat mij wel aan. En Indigo een beetje wereldwijs laten worden is ook niet verkeerd. Dacht ik … Niet dat hij met ‘gewone’ vakanties niet wereldwijs wordt … maar nou ja … weet je wat ik bedoel? Het is net dat tikje meer back to basic wat je meestal zo goed ‘jezelf’ laat voelen.
Het is wel echt heel gaaf om te merken dat Indigo zich zonder problemen verstaanbaar kan maken en gewoon met iedereen een gesprek aanknoopt. En niet half fluisterend, maar met heldere stem en vol vertrouwen. Is dat dan toch, naast karakter, het Vrije Schoolse?
De stapel cash die ik mee had is ondertussen ver op. Twee van onze beide rekeningen waarvan ik de pasjes mee heb, waar wel wat op stond, maar niet al te veel, gewoonvoor de veiligheid en  omdat dat niet nodig was, zijn al veel leger. Te leeg naar mijn zin.

We moeten na de vakantie ook nog leven.  Het is eigenlijk van de zotte dat ik mijn moeder moet vragen om onze rekeningen te vullen … En dat Aegean dat niet doet. Maar so be it. Is dat het nadeel van een ‘voordelige’ vlucht? Had ik dan toch KLM moeten vliegen? Die hadden zeker een hotel georganiseerd … althans, ik heb wat bevriende KLM-ers, stewardess en piloot … En alles wat ik daar altijd van hoor, is dat het goed geregeld wordt.

O jee ga ik dit echt aan doen? Ik kreeg een shirtje van de winkelmevrouw, bij de aanschaf van de tas, omdat ze het zo sneu vond van de bagage. Ga ik dat echt aan doen? Tegen mijn principes in. Een shirt met Santorini erop. Lelijk!!! O dat wordt 1 keer, nooit meer … Bij het boeken had ik slechts gekeken op datum en op vliegtijden. Ik wou die of die dag heen, en die of die dag terug. En overdag vliegen zodat we geen rare gebroken nachten zouden hebben. Dat is niet goed voor de hoognodige rust. Er is geen speling in een omgangsregeling zoals de onze. Indigo’s schoolvakanties zijn doormidden. Dus deze vluchten waren het beste. Dacht ik. Maar nu heb ik spijt. Dat ik niet verder heb nagedacht over kwaliteit en service.

Ik vind het eigenlijk best irritant worden.

En aan de andere kant, we vermaken ons sinds gisteren, sinds we een echte uitstap hebben gedaan, wel. Wat ook opmerkelijk is; nu we weer wat spullen hebben, is het ook meteen een rommeltje. Niks hebben is ook ordelijk 😂 Nu moet ik weer de broeken bij de broeken en de shirts bij de shirts regimes voeren 😉 … O nee, dat is niet waar, want alles wat we niet aanhebben hangt aan kleerhangers, deurklinken en over bedranden te drogen.

Ik heb nog steeds maar 1 bh. Die had ik aan tijdens vertrek vorige week. Die wissel ik af met mijn slappe-todden-bikini-topje … En het kost me wat moeite om me daar niet aan te irriteren …

Oia staat vandaag op de planning. Als Indigo wakker word is het al na half 11. Hij houdt gewoon zijn Nederlandse ritme aan. Hij maakt lekkere lange nachten. Goedzo! Goed uitrusten voordat school weer begint.

We duiken na een snel ontbijtje in het zwembad. Heel even maar. Quick shower. Tassen inpakken ❤️❤️❤️👍. (Ja de tassen! Hoe fijn! We hebben tassen … En hele fijne ook, ieder he-le-maal naar eigen smaak, fijn ❤️ want om zomaar iets sufs te kopen dat vind ik onzinnig en zonde)
Bij de receptie vraagt iemand om de wifi code. Helen is er niet. Haar man weet het niet. Indigo wel. Haha. Cool. De kids van tegenwoordig …
Dan ons dagelijkse riedeltje: snorrevrouw voor water, naar de bakker voor een broodje voor Indigo. Ik hoor hem Italiaans praten. Dat versta ik net iets beter dan Grieks. Niet dat dat zoden aan de dijk zet. Ik spreek geen woord, op een paar spreekwoorden na. De bakker blijkt half Italiaans te zijn. Vader uit Griekenland. Moeder uit Italië. Indigo krijgt een aai over zijn bol en een zakje met koekjes. Zomaar. Omdat het kan. Lief! 💙
Vervolgens is daar de bushalte met het onbegrijpelijke tijdschema. Ze geeft aan hoe laat de bus vertrekt vanaf een bepaalde locatie. Niet hoe laat de bus vertrekt vanaf een ‘tussenlocatie’ zoals Karterados. We zien wel. We weten iig aan welke kant van de weg we mogen wachten. Niet omdat dat vermeld staat … maar omdat dat logisch is op de kaart die ondertussen in onze hoofden ontstaat. Karterados ligt nogal centraal.
De bus komt. We moeten overstappen in Fira. Haha dat stuk hadden we kunnen lopen. In Fira is een echt busstation met een stuk of 10 bussen. Eens even kijken hoe dat werkt. Euhm … geen enkele bus draagt een naam of richting. Okay. Ik vraag bij de eerstvolgende bus of de bus naar Oia gaat. ‘No’ … Okay dat is duidelijke taal. We vragen de volgende bus. ‘No’. Volgende ‘No’ … Hahaha dit werkt! We weten iig welke bussen niet naar Oia gaan.

😃 hahahahaha …
Ik vraag iemand hoe we erachter komen welke bus naar Oia gaat.

Het blijkt dat iedereen gewoon wacht tot de kaartjesjongen dan over het hele station gaat lopen en roepen naar welke plaats hij gaat. Mensen verzamelen zich om hem heen alsof hij de rattenvanger van Hamelen is. Grappig. En dan. In de bus …

Dit is wel een handige strategie van deze jongen. Hij heeft een luide stem en spreekt vrij goed Engels. Voor vertrek roept hij door de bus dat iedereen kleingeld klaar moet houden. Dit werkt. Hij heeft binnen no-time de hele bus voorzien van kaartjes.
Er blaast een ijskoude wind recht op onze hoofden. Een ventilatording boven ons hoofd. Ik draai het klepje dicht.
Als we Oia naderen gaan we omhoog en hoger dan dat. Langs steile afgronden rijdt de bus. We zien donkere schijven in het landschap. Dat is altijd zo mooi aan vulkanische gronden. De gelaagdheid. De natuur bouwt mooi. Indigo bouwt in mine-craft. Even verzadigd van de mooie uitzichten. Andere generatie. We gaan zo vaak heen en terug dat ik niet meer weet hoe en wat. Het land is hier smal. Ik zie water aan beide kanten.
We horen een man ergens achter ons roepen ‘Open it!’ ‘Open it!’ … In herhaling. Er lijkt niemand te reageren want hij blijft roepen. We kijken achterom naar waar het geroep vandaan komt. Beetje nieuwsgierig aangelegd 😁

Whahahaaaa hij heeft het tegen ons!!! Ik kijk verbaasd naar Indigo en viceversa. Geen idee waar de man het over heeft. Hij wijst naar boven.

We kijken. We zien. De ventilator. Ik kijk hem volgens mij enigzins vreemd aan. Misschien met die bepaalde blik die mij vroeger weleens uit de klas gestuurd liet worden.

‘Open it!’ Nou ja zeg! Hahaha de man zit minstens 5 stoelen achter ons en dan ook nog in de rij aan de andere kant van de bus. Lachwekkend. Als hij zich zo druk maakt snap ik dat hij overhit raakt. Vol Grieks temperament.

Ik wijs met een vragend (misschien lichtelijk cynisch) gezicht naar het mini-ventilatortje boven onze hoofden.
‘Open it!’ zegt hij. ‘Amehoela’ denk ik terwijl ik het klepje een heel klein beetje open draai zodat het niet op ons waait, en ik draai het met een vriendelijk knikje richting de man.

Een dame achter mij schiet in de lach en knipoogt.

Na een minuut of wat stapt de mijnheer uit de bus. Met een map onder de arm. Zwetend en puffend van de warmte. Dat komt vast niet door ons ventilatortje 😃 druktemaker. Hahahaha.
In Oia aangekomen ben ik al het gevoel van richting kwijt. We halen een kaart van Oia. Voordat we toch eens hebben uitgevogeld waar we zitten … Zitten we op een grote steen ergens in de schaduw tussen de lage bomen. Lekker! We willen naar het Maritiem Museum. Maar eerst lopen we gewoon naar daar waar onze voeten ons brengen. En dat is … Bij ‘s-werelds meest beroemde boekwinkel … Atlantis. Here is the magic! 
Indigo vraagt of hij mag lezen. Ineens vind hij een schat. Het nieuwste boek van Harry Potter. ‘Ooo mama!! Mag ik die?’ … ‘Dat moet je zelf weten, als jij dat kunt lezen in het Engels …jij hebt je eigen geld, en als je het zelf draagt is het prima’ … De pinpas komt tevoorschijn. Mensen vinden het blijkbaar nogal bijzonder. Ik vind het super dat Indigo zo zelf leert met geld om te gaan. Hij doet dat leuk vind ik. Soms neemt hij mij of een vriendje of vriendinnetje mee naar de film. Hij deelt.
Maar even terug naar Atlantis Books… in 2002 gingen Oliver en Graig een weekje naar Santorini. Kort gezegd … Om erachter te komen dat Oia geen boekwinkel had … Een poos later had Oia wel een boekwinkel. En wat voor 1!

Het verhaal is prachtig leesvoer om te googlen … 
Het wordt langzaam druk in Oia terwijl wij ons te goed doen aan een soort van ijsje en verse jus d’orange op een authentiek terrasje. Aan niets is te merken dat Griekenland noodlijdend is. De prijzen zijn schrikbarend hoog. De gasten en bezoekers die hier komen of verblijven geven genadeloos veel geld uit. De tax is 24%! Het Nationaal vermogen van Griekenland wordt hier elke dag flink verhoogd, lijkt. Het is me te druk hier. We bezoeken het Maritiem Museum. We zijn (wederom) de enige bezoekers! Raar! Er lopen duizenden mensen hier. Komen die echt alleen maar om te kijken naar het uitzicht, te winkelen en eten? Het museum is tof. Lekker knullig. Ook toe aan een fris windje in de zeilen denk ik. Daar zou ik in investeren als ik de gemeente Oia was. Het is geweldig wat we zien. De zeevaart trekt altijd. De knopen. De touwen. De zeilen. Indigo geeft me graag wat meer tekst en uitleg over het roer, de giek enzovoorts. (😂) We lopen zeker een uur rond in het kleine museum. Mijn piratenbloed gaat stromen … We kunnen, als we willen, naar beneden naar de baai van Ammoudi … Lopend. Of met ezels. Alweer die arme dieren. Ezels. Muilezels. The Donkey Sanctuary probeert sinds 2006 de omstandigheden voor de ezels te verbeteren met hun project S.T.E.P.S. Safety: wordt men begeleid tijdens de rit? Thirst: Heeft het dier toegang tot water, fris schoon water? Equipment: Zijn zadel en teugel van een goede kwaliteit of brengt het verwondingen en ongemak aan het dier? Pounds: Ben je van een acceptabel gewicht om gedragen te worden door het dier? Shelter: Heeft het dier toegang tot beschutting tijdens rustpauzes?

De tip is: als je niet 100% content bent met de antwoorden op deze vragen, rijdt dan niet op een ezel of muilezel. Wij mensen zijn verantwoordelijk voor het welbevinden van deze ezels en zolang de omstandigheden voor de dieren erbarmelijk zijn, wordt geadviseerd om zelf te lopen. Triest eigenlijk. Dat wij mensen dieren inzetten om ons te dragen als we zelf kunnen lopen.

Wij gaan niet naar beneden. Die gekte laten we aan ons voorbij gaan. Wij gaan wandelen. Het pad op wat naar Fira gaat. Het is zo’n kilometer of 10 a 11. Het is al half 7, dus het hele pad gaan we niet redden voor het donker is. En àls het donker worden gaat, is het ook binnen no-time pikdonker. 
Het wordt fijn rustig hoe verder we de drukte uit lopen. Het lijkt wel of ze een uur of anderhalf geleden een dozijn bussen en boten hebben opengetrokken. Als sardines in een blikje, op elkaar gepropt, lopen de mensen door de smalle straatjes. Op zoek naar de beste plek voor de zonsondergang. En op zoek naar mooie spullen. Aaaaj ik word een winkel met sieraden ingezogen. Waanzinnig mooie oorbellen. Echt heel heel heeeeel super mooi. Van een Russische ontwerpster. Heel erg mooi.

Met de handen op de rug en de ogen in de broekzak dwing ik mezelf het winkeltje uit. ‘Jij wilt oorbellen kopen he mama?’ … Hahaha. Ja. Maar ik hoeft niet alles wat ik wil.
Atlantis. Dat wil ik wel. Daar meer over weten.

Dat gaan we vanavond nog eens uitspitten. Hoe zat dat ook alweer?

De mythe over een ‘verloren eiland’ werd en wordt generatie over generatie verteld, totdat de Griekse filosoof Plato er over schreef rond 375 voor Christus. In zijn beleving was Atlantis een groep eilanden met een heuvel in het midden. Deze heuvel zou zijn omgeven door een ring van water die weer zou zijn omgeven door een ring van land, met in totaal 9 ringen water en 9 ringen land. Deze eilanden werden gecreëerd door Poseidon, god van de zee, voor zijn geliefde Cleito die geboren was op Atlantis. Uit het huwelijk tussen Poseidon en Cleito werden 5 mannelijke tweelingen geboren. Atlas was de oudste zoon en zou 1 van de 10 koningen van Atlantis zijn. Om 1 van de vele verhalen over Atlantis te lezen … neem ik vanavond tijd om voor te lezen. In 1967 werd er een stad gevonden in Santorini, begraven rond 1500 voor Christus door een catastrofale vulkanische uitbarsting. Archeologen geloven dat dit misschien het verloren Atlantis is.
Echter volgens de Griekse mythologie is Santorini ontstaan uit een kluit die Triton schonk aan de Argonauten.
Hoe dan ook. De verhalen zijn prachtig. Het eiland ook. Heftig. Als we heel ver terug gaan in de geologische geschiedenis, zou op deze plek Afrika en Europa nog verbonden zijn geweest ❤️
We lopen het pad richting Fira. Het wordt stiller. Stil. Delicaat. Mooi. Sereen. Prachtig. Santorini is droog. Er is nauwelijks vegetatie. Toch heerst er een magie en wordt Santorini de zwarte parel van de Egeïsche zee genoemd. 
Als architectuur flirt met het licht en de schaduw wordt het kunst-plus. Niemand kan beter schilderen en beeldhouwen dan de natuur. Elke dag een beetje anders. De weg is prachtig. Halverwege haken we af. De zon is onder. We willen niet langs de klif lopen als de duisternis haar intrede doet. We nemen het eerste pad ‘de weg af’ en komen bij de bushalte. De bus blijft te lang naar onze zin weg. Er stopt een busje. Een man draait het raam open. ‘Fira?’ … Ik kijk hem in de ogen. Voelt dit okay? Ja. 15 euro zegt hij. Okay let’s go. Deze man komt uit Thessaloniki … Hij woont tijdens het seizoen met zijn vrouw in Santorini. Om te werken. Als taxi. Veel taxi’s hebben geen bordje ‘taxi’ … In de winter woont hij in Thessaloniki? Wat is dat toch met Thessaloniki? Komen daar ‘the good ones’ vandaan ofzo?

Van Fira lopen we naar Karterados. We zwaaien naar de bakker. Maken een praatje met Helen. Ze vraagt hoe onze dag was. Die was top! We hebben een chocolaatje voor haar meegenomen van de patissier. Kweenie hoe dat in het Grieks heet.
Morgen meer … bagage hoop ik … Of zullen we het vliegticket omboeken en naar huis gaan? Thuis kom ik meer tot rust dan hier op deze manier. Maar dat is ook opgeven. En wie weet heeft het weekend wel een goede uitwerking op onze bagage. Alles gaat hier wat tragerderder …

#008 … Lost some fire … Found a Vulcano … 

Zaterdag 20 augustus … voor de verandering. Luggage not found … Dag 7. We vallen een beetje in herhaling met de melding: ‘Vandaag nog steeds geen bagage’ … Wat dan wel vandaag? De vulkaan! Ik was daar 18 jaar geleden ooit met Barbara en ik herinner mij niets anders dan zwarte brokken en een hele hoop hitte. 09.10 mogen we bij een bepaald punt wachten op een busje. 07.00 wekkerrrrrrrrr … Indigo had zijn wekker gezet. Ik was al wakker. Indigo nog niet. Eens kijken of hij wakker gaat worden. 07.30 hahaha Indigo wakker worden. Oefff dit wordt een hele kluif. Na een korte nacht. 08.00 jaja de ogen gaat open. En gauw weer dicht. 08.30 mijnheertje is wakker. Even knuffelen met muis èn met mama 😃 Knuffelkont. Aankleden. Tas inpakken. Ticket halen bij Helen. Aan de wandel. Water halen bij snorrevrouw. Broodje bij de bakker. De bakkersjongen lacht. ‘Kalimera!!! Alles gut?’

Hij vraagt hoe je dankjewel in het Nederlands zegt. ‘Donkjawol’ is het beste wat er uit komt. Goed genoeg voor vandaag 👍 Op naar de bus. Wij zijn meestal zeeeeer op tijd. Als de bus komt kiest Indigo de voorste plaatsen. Ik herinner me nog de haarspeldbochten. De bus haalt de bochten meestal precies. Al toeterend. Wel heeeeel gaaf! Ik zou dit best graag een keer rijden. Zelf dan! Ik hou ervan ❤️

Beneden wacht een bootje. Een superspontane boot-mijnheer ‘type lekker ding’ verwelkomt ons met een niet te evenaren grote glimlach. Ken je die momenten van spontane verliefdheid? Ook al duren die dan een minuut of zoiets … Even later varen we. Mooi hoe Santorini en … de vulkaaneilandjes elke keer een ander beeld geven zodra het gezichtsveld veranderd. We mogen zwemmen in de hotsprings. Lavawater. Achter een handdoekje ontdoet Indigo zich van zijn jeans enzo, zwembroek aan. De nieuwe preutsheid is ontstaan, grappig al die fasen. En daar staan we dan. Voor ons springen 3 stoere jongens vanaf de boot de diepte in. Indigo twijfelt. ‘Mama spring jij ook of ga je met het trapje?’ … ‘Zullen we springen?’ … Okay! Jump! En hopplaaaa daar gaan we! Het oranje zeewater in. Spannend! We zwemmen … Na een minuut of 10 is het ‘even leunen op mama’ Haha grapje Indigo, ik ben geen 17 meter lang. We gaan terug de boot op. Stoere vent die Indigo! We zijn een beetje oranje van het zwavelwater op ons lijf. Grappig hoe dat opdroogt en alle minuscule lichaamshaartjes extra zichtbaar worden. Indigo vind dat wel stoer, al dat haar. Haha. Kleine jongens worden groot. Na een poosje varen we naar de vulkaan. Alles is zwart. Dus gloeiend heet. De natuur is fascinerend in al zijn woestheid. Het ruikt naar lang geleden, de geur neemt ons mee naar toen … Het begon ooit met een catastrofe hier. Daar zijn twee vertraagde of verloren rugzakken niks bij. Miljoenen jaren geleden. Zo’n 80.000 jaar geleden (schijnt) de vulkaan voor het eerst te zijn uitgebarsten. Tussen 198 voor Christus en 1956 schijnen er zo’n 8 a 14 uitbarstingen te zijn geweest. Sindsdien blijft de vulkaan ‘stil’ tot nu toe. Het lava vormde twee eilanden Palea Kameni en Nea Kameni, tezamen nu ‘the Vulcano’ genoemd. Het testament van exceptionele schoonheid der natuur … (Eigenlijk ken ik mooiere vulkanische eilanden, maar dat even terzijde)Er zijn 2 pieren bij het eiland. Oefff … Hoe dubbel is het; ‘It is vital that this remarkable and significant site which you are visiting be preserved just ad nature created it, with as little human intervention and disturbancr as possible’ … als we de boten af en aan zien meren, en hordes mensen het zwarte eiland op wandelen, om een uurtje of twee later weer van wal te gaan. Een foto moment nemen waar niemand anders in beeld is, is een hele uitdaging. Toch is dat altijd wat mensen proberen. Zodat het net lijkt alsof er niemand is. Net buiten het beeld van mijn camera zijn de selfie-sticks in grote getalen in gebruik! Het is wel heel tof. De brokstukken. De uitgeharde lava. De gladheid van het oppervlak. Of juist de structuur. De hoogten. De diepte. Superwoest. En konijnenkeutels. Terwijl er nog heeeeeeel veel mensen heen en terug wandelen, gaan wij nog even zitten aan de waterkant. Voetjes in het water. Het water is mooi. Anders van kleur. Het geeft ook een kleurafdruk op alles wat met het water in aanraking is. Na het bezoek aan de vulkaan varen we terug. We zien zeilboten en catamarans. Mijn watermannetje wil eigenlijk wel een keer Griekenland met de zeilboot ontdekken. Ik ook wel. In gedachten ziet ie zichzelf al gaan in zijn Optimistje haha…

Nadat we terug zijn gevaren en gereden en gelopen, nemen we een heeeerlijke duik in ‘ons’ zwembad. Onze lunch uit eigen koelkast is fijn. Snorkel word voor de dag gehaald. Het is verboden om te duiken en te springen. Maar als er niemand is … tja …
Helaas voor Indigo komen er twee setjes die allebei aan de andere kant van het zwembad gaan liggen zonnen. Ik denk dat ze jonger zijn dan 2 x Indigo’s leeftijd. Indigo plonst in het water. Het spettert op de jongeman die geïrriteerd opkijkt. Indigo biedt zijn excuses aan en verzint een ander spelletje. Een drinkflesje wordt gevuld met water en wordt ons overgooi-ding. Leuk. Opduiken blijkt het leukste te zijn. Voor Indigo dan he … Ik doe echt geen oog open onder water. Als dat ding ook een keer iets te dichtbij de kant plonst spettert 1 van de meisjes nat. Jeetje wat zijn de jongelui van tegenwoordig 1 met hun Ipad en lichtgeraakt. Phoephoe. Ik word er bijna recalcitrant van. Bijna.

Op het einde van de dag gaan we Karterados eens bekijken van de andere kant. Er schijnen mooie kerkjes te staan en bouwwerken die wij nog niet gezien hebben. En ik ben benieuwd of we naar de zee kunnen lopen. 
Van Olga ondertussen bericht vanaf het vliegveld, de vluchten zijn er weer … ‘ Kalimera!!! No news yet for luggage 😢😢 what is the plan for today? ‘

Verdorie hè … Ik heb genoeg van de situatie! Genoeg van onze clochardlooks en wil vandaag of morgen eigenlijk wel een nieuwe tas voor Indigo en voor mezelf kopen. We lopen al een week onhandig en voor joker met plastic tasjes. Die scheuren en breken. Dus laten we maar weer naar de winkel gaan. Tassen kopen. Dan kunnen we onze spullen tenminste fatsoenlijk meenemen. De bagage laat echt te lang op zich wachten. Maar … eerst Karterados. We lopen het eerste beste steegje in. Trapjes op en af brengen ons in straatjes die zo smal zijn dat je er serieus niet met je fiets doorheen zou kunnen. Hoge witte wanden wisselen zich af met vergane glorie. Keurig bijgehouden huisjes met vervallen pandjes. De straten zijn fascinerend te noemen. Hobbeldebobbel. We volgen ons pad zonder plan. We zijn benieuwd en laten ons graag verrassen. We lopen het stadje uit en komen langs tuinen waar groenten en fruit groeien. We zien honden in hokken. Angstaanjagend geblaf vanuit de verdraaid kleine hokken. We zien paarden aan touwen in niet omheinde weiden. Een paard achter een hoog hek met een stal-achtig-iets in een rotswand. Er zijn hier nauwelijks mensen. We lopen. Van de ene kant van de weg naar de andere. De bochten bepalen waar de schaduw zich bevind. De schaduw bepaald waar wij lopen. Bruin worden is geen doel. Niet-overhit-raken en gewoon flink wat kilometers kunnen maken is het doel. Na een fiks stuk wandelen heb ik het idee dat we niet meer heel erg ver van de zee vandaan zijn. We komen geen mens meer tegen. Hier en daar pronkt een kerkje en steekt helder af tegen de strak blauwe lucht en de dorre omgeving. Dan ineens doemt er een hond op. In de verte. Ik denk dat hij/zij net zo hard van ons schrikt als andersom. Het is geen klein hondje. Geen klein blafje ook. We maken rechtsomkeer. In iets snellere tred als de heenweg. Het doet me denken aan het uiteindelijke rennen in Guatemala toen we per ongeluk een erf betraden. Deze hond stopt zodra we uit zicht zijn.

‘Mama ik wil wel naar Fira lopen’ … Okay … Dan doen we dat. Het is ongeveer om en nabij die kant op … schat ik in aan het landschap in de verte te zien. Dat is prettig als je op een plek bent met hoogteverschillen. Dan verraad de omgeving de richting zonder dat je de weg kent, of een kompas nodig hebt. Ik vind dat reuzefijn! Het geeft een bepaalde vrijheid om gewoon op het gevoel te gaan en staan. Af en toe stoppen we om wat te drinken. Her en der staan auto’s half uit elkaar te verstoffen op plekken waar je van denkt ‘huh’? Of fietsen in het hek? Why?

Na een poos komen we bij een wand die Indigo’s interesse heeft 🤔😁 hij heeft een grote fascinatie voor slangen. Hier tussen de ‘velden’ en rotsen horen we weleens wat wegritselen. Het kan vanalles zijn. We zien veel hagedissen. De wand is blijkbaar belangrijk. Indigo moet het bestuderen. Ik zeg hem: ‘Zeg Freek Vonk, blijf wel met je handen uit allerlei gaten enzo hè!’ … Plots is het: ‘O mama mama mama mama kom eens kijken! Ik moet een tak hebben’ …

?

Een slangenvervelling ligt tussen de stenen. Aha. Okay. Wacht even. De ‘nee’ die ik voel is ‘van mij’ … niet van Indigo. Ik ben in mijn avonturen slangen tegengekomen tegen mijn wil in. Indigo is graag juist naar de slangen op zoek. Dat is een ander uitgangspunt. We bedenken samen hoe het voor ons allebei okay is, en dat het niet gevaarlijk kan zijn.

We zoeken stokken. Indigo tovert de vervelling tussen de stenen uit. Gaaf eigenlijk. Het word grondig bestudeerd en gaat in het vakje ‘belangrijke vondsten’ … 
‘Zullen we straks in Fira naar docter Fish gaan mama?’ … ‘Okay why not’ Onze beoogde backpack vakantie word zoetjes aan een big-spender vakantie. Maar ach … dan werkt mama wel wat harder als we terug zijn 😂😂😳🤔 … Ach nou een tientje pp kan er ook nog wel vanaf …

Een kilometer of wat later komen we bij een minuscuul klein kapelletje. We doen een break. Beetje lummelen en mijmeren, beetje lezen en een potje memory op de telefoon.Daarna vervolgen we onze weg. Deze loopt dood. Een stukje terug dan en linksaf. In de verte horen we de auto’s van de weg waar we dagelijks lopen van Karterados naar Fira en terug. Na wat zigzag komen we bij een soort pad met hoge stenen wandjes. En een hoop rommel op de weg. ‘Mama ik zag glijmiddel van Durex’ … 😳😳😳😳😳? Huh?

Als we dat pad af zijn, zijn we bij de bekende weg. Vanaf hier is het nog een kilometer of zoiets. ‘Mama hoe weet jij dat’ … ‘Nou kijk eens goed … Herken jij niks?’ … ‘O jawel’

‘Mama ik voel me hier veel meer op mijn gemak tussen de bredere wegen met verkeer en mensen dan in zo’n steegje met glijmiddel’ … ‘Het is wel natuurlijk ofzo maar mama waarom ligt zoiets in een steegje’ … ‘Ik zou het wel raar vinden om ineens mensen met elkaar te zien vrijen ofzo’ … Enz. Oefff … een vragenvuur.

Ik vertel dat ik vermoed dat we niet zomaar op klaarlichte dag vrijende mensen in steegjes gaan tegenkomen …
In Fira aangekomen gaan we eerst een klein hapje eten en volgen daarna de bellenblaasbellen naar dokter Fish. Een paar minuten later zitten we lachend gierend brullend in een bak met water met visjes aan de voeten. Het is werkelijk een bizar fenomeen. Baby visjes likken/happen/zuigen/sabbelen de dode huidcellen weg … Het kriebelt nogal.
Na onze schoonheidsbehandeling 😜 gaan we op zoek naar twee tassen om onze spullen in te dragen. Ik ben op slag verliefd op een supergave tas, die op verschillende manieren geritst en gedragen kan worden. Het is een beetje een te kleine tas voor wat ik nu meen nodig te hebben. Veel te klein. Indigo heeft zijn oog laten vallen op een ander exclusief Italiaans exemplaar. Prachtig.

We kijken even verder. De lederwinkels zijn niet dungezaaid hier in het toeristische deel van Fira. Meestal echter staat er wel ergens ‘Santorini’ op geborduurd of ingepreegt. En dat is echt niet de bedoeling. Of tassen die precies lijken op de schooltassen van vroeger. Stevig. Stug. Zwaar. En nog te klein. We vinden allebei een tas naar onze gading. In verschillende winkels. Met wederom de leukste gesprekken. Indigo heeft zijn eigen pinpas. Eigen geld. Dat kan hij heel erg prima. De meiden uit de winkel gillen … nou euhm kirren zou je het eerder noemen. Hahahaha. Dan nog wat toiletartikelen, want de fase van enkel ‘hoognodige dingen’ voor de eerste dagen, zijn na een week zonder bagage wel voorbij. Ik loop al een week zonder make-up. Ik koop alleen een lippenstift. We hebben allebei lang haar, en zijn zonder cremespoeling echt uren aan het kammen. Dus cremespoeling. IJsje nog voor Indigo en hup naar huis. Morgen uitslapen. Mooie plannen gemaakt voor morgen. Eens kijken wat daar van terecht komt. Misschien strooit een bericht … dat de bagage er is bijvoorbeeld … wel roet in onze planning 😇 We zullen zien. Ik hoop het zoooooo!

Trustuh!

#007 … Lost some tears … 

19 augustus … Dag 6. Vandaag MOETen we naar het vliegveld. Dat wil ik. Ik word er namelijk echt zo ongeveer ongeduldig en geïrriteerd van, omdat we niets horen. En heel onzeker. Elke dag wachten, verwachten … Elke dag de telefoon die niet opgenomen wordt, of onaardige mensen aan de balie. Elke dag Olga die 2 keer per dag naar de balie loopt en dan laat weten … dat ze niets over onze bagage weten. Ik word er gek van. Hoe lang gaat het nog duren voordat we vakantie kunnen vieren? 

Het is best hard. Zondagochtend de 14de zaten we in het vliegtuig. Zaterdag de 13de haalde ik Indigo op. Vrijdag de 12de werkte ik … Zondag heel vroeg deed ik de laatste mail. Vrijdag 2 september vliegen we naar huis. Zondag 4 september moet mijn werk naar de expositie. Maandag 5 september sta ik weer strak in de planning. Deze vakantie was zóóó verdiend, en zóóó nodig. Na al het harde werk. Full focus … elke cent gespaard om nieuwe backbackspullen te kopen. Goede spullen. Van goede kwaliteit. Daarvoor zou je alleen al bijna op vakantie kunnen … voor dat bedrag …

Ik hoop echt zoooooo dat we morgen kunnen gaan backpacken en kamperen. Dat er een einde komt aan de oeverloze hotelkosten en aanhoudende vraagtekens over ‘wanneer’ … en aan elke dag handwasjes en synthetisch ondergoed in de hitte … pleisters bij de nieuwe slippers en alle dagelijke restaurantkosten …

Ik wil op 2 september blij en uitgerust, voldaan thuis komen … De was in de wasmachine doen en nog 1 dagje bijkomen en aan onze keuken werken voordat Indigo weer een jaar naar school gaat en ik mijn non-stop verantwoordelijkheid voor èn mijn bedrijf èn onze emotionele, mentale en financiele gezondheid … weer heb. En niet dat op 2 september de rekeningen leeg zijn, mijn ouders geld hebben voorgeschoten … en het eerste wat ik moet doen … is afbetalen, terugbetalen … voor een fout die niet de mijne is.  Het plan is om vandaag naar Kamari te gaan, daar naar Ancient Thera te wandelen (waar we in het museum informatie en een maquette van hebben gezien) en daarna naar het strand te gaan.  Het plan was om vroeg te gaan zodat we voor de hitte boven zijn. Plannen in deze vakantie zijn niet altijd de uiteindelijke realiteit. Indigo slaapt. En slaapt. Het is een uur tijdsverschil, en Indigo slaapt sowieso graag uit. Gisteren viel hij pas na zijn middernachtelijke douche in slaap.

We hebben gewoon airco … bedacht ik me vanochtend, maar daar had ik in mijn slaap niet aan gedacht. Ik ben echt geen avondmens. Wel echt een ochtendmens. Indigo is compleet het tegenovergestelde. Over een paar jaar lopen we compleet uit schema, denk ik 😬😂 Het is 06.30 / 07.00 als ik wakker wordt hier. Dat is in Nederland dan rond 06.00. Normaal voor mij. Indigo slaapt in Nederland in vakanties en weekenden tot een uurtje of 09.30 a 10.00 … Dat betekent in Griekenland rond 11.00 …

Ik laat hem slapen, vooral na zo’n late nacht als vannacht. We ontbijten onze ‘take-away’ van gisteren. Mjammie. 
We gaan op pad. Pfjieuw het is extra heet vandaag. We zien wel … Of het te doen is om omhoog te gaan de heuvel op. Eerst op naar de bus. Via snorrevrouw. Jeetje we krijgen gewoonten … 🤔

We lopen voorbij de plaatselijke bakker. Daar wil Indigo wel iets van.

‘Bonjour!’ Grijnst de enthousiaste bakker. ‘Bonjour!’ zeggen wij terug.

‘France?’

‘No Holland’

‘Aaaah Maastricht, Rotterdam, Amsterdam, Ajax, Goooood people Holland’ Met een broodje met kipvulling in Indigo’s knuistje zwaaien we gedag.
Bij de bushalte aangekomen rijdt de bus naar Kamari net voor onze neus weg. Waarom ook niet. 🌞 hahaha.

We zitten vervolgens een beetje te kletsen en te dromen. Ik ben er niet helemaal bij. In gedachten zie ik onze rugzakken staan tussen al die andere bagage bij Lost and Found … En voor we er erg in hebben is er een bus naar Kamari gepasseerd. Shit!!! En we doen nog een sprintje. Maar de bus is weg. Vrij onnozel. We schieten in de lach. Een jong Aziatisch koppel zit met ons in schaduw in de bushalte en die moeten ook heel hard lachen … De volgende bus die aankomt gaat naar het vliegveld. We besluiten om die dan te nemen, en te checken voor de bagage, en even Olga gedag te zeggen ❤️ zij werkt 7 dagen per week op het vliegveld tot vroeg in de avond.

Ik voel dat ik me zenuwachtig begin te voelen als we bij Airport zijn. We lopen naar de lost and found balie. Een niet-vriendelijk gezicht … ‘Verwelkomt’ ons met een blik die ik niet kan thuisbrengen, maar waar ik aan vraag of ze kan kijken of er nieuws is over onze bagage. We hebben deze dame nog niet eerder gezien afgelopen zondag of maandag.

Ze snauwt ‘casenumber’ … Ik voel me verbijsterd. Ik geef haar alles wat ik heb aan nummers en papieren. ‘No I need your casenumber’ …

Ze is kort af, asociaal, en de reden daarvoor … ?????

Ik vertel haar dat dit alles is wat ik heb. Ze grist een ordner uit haar kast, en loopt de lijst na. Sinds zondag. Ik zie dat het een enorme lijst is.

‘Hoe laat?’

17.50 …

… ‘In de ochtend?’ …

Euhm nee in de middag (???)

‘Casenumber!’

Ze is echt pischagerijnig. Ze zegt dat onze bagage naar ons hotel gebracht wordt als het arriveert. Ik probeer haar te vertellen dat er daar nergens genoteerd staat dat wij een hotel hebben, omdat we geen hotel hadden toen we hier maandag voor het laatst waren. Ik zie dat Pension George nergens genoteerd staat.

Ze raast en tiert … zegt dat ze niks kan zien omdat de computers niet werken want de elektriciteit doet het niet.

Tranen prikken in mijn ogen. Ik kan er echt zoooo slecht tegen als mensen tegen me schreeuwen en me niet eens iets laten zeggen, terwijl ik verdorie niets verkeerd gedaan heb!

Ik probeer nog een keer tussen haar waterval aan woorden te komen om te zeggen dat er geen hotel staat genoteerd. Ze hoort niets.

Ik voel me als een kind in de klas bij een boze juf die zich even op mij afreageert. Dan komt er een jongeman. Die begint in het Grieks tegen de vrouw te schreeuwen. Ze schreeuwt terug. Ze wapperen wat met hun armen en lijken elkaar te vervloeken. Gezellige boel hier.
Ze loopt naar achteren het kantoor in. Komt terug en haalt haar schouders op. De man snauwt tegen haar. Ik heb geeeeen idee waar ze het over hebben. Ik zou Indigo hier voor willen beschermen. Hij hoeft van mij niet te zien dat mensen zo lelijk doen. Een traan schiet uit mijn oog en biggelt over mijn wang. De man pakt ondertussen een andere ordner uit de kast. En smijt een formulier op de balie. Kijkt me schuin aan. ‘You need to contact them’ …

Daarop staan gegevens waar ik melding moet doen van mijn bagage en claim. Ik slik. En zucht. Dat formulier ken ik nog niet. De inhoud van de stappen wel. Ik vertel dat ik dat zondagnacht allemaal reeds gedaan heb en ook telefonisch contact heb gehad met Aegean in Athene.

De boze vrouw kijkt mij aan. ‘Then what are you doing here?’ … Nou bij Aegean adviseerden ze me om echt in contact te blijven met Santorini. En aangezien ze de telefoon nooit opnemen … Ga ik vandaag maar weer eens zelf polshoogte nemen.
Ik vertel de 2 geïrriteerde mensen, die zich nogal klantonvriendelijk opstellen, dat ik mijn hotel gegevens door wil geven en dat ik wil weten wat ik moet doen, omdat ik al bijna een week in ‘wachtstand’ sta … En dat ik hier wel MOET komen omdat het telefoonnummer wat ik zowel zondag als maandag heb gekregen, niet werkt en ik dus geen melding kon doen van het feit dat ik een ‘vast hotel’ heb.
De vrouw smijt iets op de tafel achter de balie, en stevent de deur uit.

Indigo kijkt benepen. ‘Mama wat is er nou? Waarom doen die mensen zo boos?’

Nu schieten mijn tranen los. Natte ogen. Shit, dat was niet het plan. ‘Sorry lieverd, ik weet niet, misschien hebben ze een stress baan en zijn extra gestressed omdat de computer het niet doet, en ze alleen maar teleurgestelde mensen aan de balie krijgen’ … ‘Ja het lijkt me wel een verschrikkelijke baan dit’

De kwaaie feeks kijkt me vernietigend aan. ‘We can’t help you, go to your hotel, we will bring it if we have your lugage’ …

Wat een … sorry voor het woord, maar wat een kreng zeg. Pfff …
En dan! Als een godswonder, een kwartier wachten later … komt er een aardige Indiaas ogende dame naar ons toe. Haar ogen maken echt contact. Ik voel me rustig worden. En serieus genomen. Eindelijk. Voor het eerst sinds zondag is hier op deze afdeling iemand die haar vak begrijpt.

Dit is wat ze nodig hebben op deze afdeling ‘lost and found’ … Iemand die ‘draagt’, begrijpt, luisteren kan.

Ze verteld dat haar computer het wel doet, dat ze onze bagage heeft proberen te traceren en dat het verwacht werd dat de bagage er woensdag zou zijn. Woensdagavond zou de bagage vanaf Madrid hierheen komen. Dat stond in de planning. Net zoals dat maandag in de planning stond. De bagage is echter niet gearriveerd. ‘Mevrouw ik weet niet of de bagage vanaf Amsterdam geladen is. In Amsterdam is de fout ontstaan. Daar is de bagage niet geladen afgelopen zondag.

Huh? Wat zijn de verhalen toch verschillend! Het is dus onduidelijk of de bagage – wel of niet geladen is in Amsterdam – wel of niet uitgeladen is in Madrid – wel of niet ingeladen is in Madrid – of niet uitgeladen is in Santorini.
Okay. Niet dat het echt helpt. Maar een beetje uitleg helpt me wel. De dame verteld dat de bagage naar ons hotel gebracht wordt. Ik schiet in de lach. Ik zeg dat ik reeds een twintig minuten probeer te vertellen waar ons hotel is, omdat ik dat afgelopen maandag nog niet wist. Ze noteert de gegevens van het hotel.

‘What is your plan madam’

Ik vertel haar dat we eigenlijk Santorini al af zouden zijn, naar een ander eiland … en dat we zouden backpacken en kamperen en eilandhoppen. Ze knikt. ‘I understand that this is not a nice situation, if you want to move to an other island than just move, we will bring your lugage where ever you are if the lugage will arrive’
Okay dat klinkt beter. Dan kunnen we, als we Santorini gezien hebben (later dan gepland …) alsnog richting Amorgos gaan over een paar dagen. En dan komt de bagage achter ons aan, als ik meteen doorgeef waar we naar toe gaan.

Ik vraag waar ik dan mijn vertrek moet melden als ik een telefoonnummer heb wat niet werkt.

Ze wijst op het formulier wat ik net gekregen heb. Daarop staat een emailadres. ‘No worries, we will phone you if the lugage has arrived, just go and enjoy your holiday and go to the other islands and it would be nice if you contact us when you leave Santorini’ ‘collect all your receipts and send them to Aegean, they need to give you money for each day for each person’ … (Helaas reageert Aegean tot dusver nergens op) …

Ze zegt dat ze een bericht heeft uitgezet naar Amsterdam gisterenavond en dat ze op antwoord wacht.

Okay. Mijn ogen zijn weer droog. Ik blaas een lange adem uit. Het is bijna een week later …

We zeggen elkaar gedag. Ik vraag aan Indigo of mijn mascara uitgelopen is. ‘Nee hoor mama je hebt ook geen huiloogjes’ (aaaah sweety) We lopen naar de arrivals hal. Ik bel Olga. Ze neemt enthousiast haar telefoon op. Ik vraag of ze haar ‘secret door’ kan open maken. ‘Are you at the airport?’ … 😬😬😂 ✈️🛫 … De deur gaat open. Een collega van Olga ontvangt ons. ‘Het lijkt net alsof ik jullie ken’ zegt ze. ‘Van alle verhalen’ … Haha.
We kletsen wat. Olga zegt dat het haar spijt dat er geen beter nieuws is over de bagage. Ze was vanochtend reeds daar geweest en had eindelijk een aardig iemand gesproken. Ik vertelde dat wij een ontmoeting hadden met een reïncarnatie van Medusa. Een heks. We lachen. Het is meer cynisme dan echte humor. Maar een beetje zwartgalligheid mag best in zo’n kloterige situatie.
We vertellen dat we naar Kamari gaan. ‘You like to go to Kamari?’ … ‘I’ll bring you up there …’

Echt die Olga is een engeltje op aarde. Ze brengt ons naar Kamari, we kletsen verder, over school, over liefde, over hobby’s, ik vraag haar wat ze leuk vind om te doen op vrije momenten. Bioscoop. Dus we bedenken dat we wel iets met z’n drie willen doen vanavond. Gezellig! Bioscoop 👍
Vlak vooooor de lange klim naar Ancient Thera dropt ze ons en zwaaien we. Echt zoooo lieverdanlief!
Het is heter dan heet vandaag. 🔥🔥🔥🔥🔥 En dat is geen aanstelleritis.

We moeten de berg op. Daar ergens boven is ‘the place to be’. 🌄 We lopen. Puf. Pffff… Zozo. Redelijk steil. Dan is daar een splitsing. Geen aanwijzing. Hmmm … Zouden we omhoog of omlaag moeten? Ik zie een man op een terras. We lopen richting hem. Zijn accent verraad dat hij een Nederlander is. ‘Weet u of Ancient Thera hier links is, of naar boven’ … Hij raadt ons af om met deze hitte naar boven te gaan, het is minimaal een uur naar boven, helemaal naar de top. Hij wijst naar boven. Indigo en ik kijken elkaar aan … Dat gaan we op een ochtend doen als het nog niet zo heet is. Ander keertje. Nu: beach.

We lopen de helling af. Zo met die bepaalde schuinte dat je verder in je teenslippers zakt.
Even verderop horen we een marktkoopjongen met talent voor overdrijven. Hij verkoopt unieke vruchten uit Santorini. Bananen. Pruimen. Vijgen. Perziken. Druiven. Heeeel uniek inderdaad …
Wij hebben wel zin in een perzik. We ‘krijgen’ een setje druiven om te proeven.

2 bananen en 2 perziken.

In zijn taal ‘Forti juro’ Ik schiet in de lach en geef het tasje terug. I’m sorry madam my English not so good, fortien juro’ … Ik kijk hem aan en zeg niks. ‘Okay madam 4 juro’ … Dat is nog belachelijk veel, maar vooruit. Hij wil 5 euro dan krijgen wij vijgen erbij. Nee wij willen geen vijgen. Haha pffff dwingen werkt erg averechts bij mij.

We vervolgen onze weg omlaag. Met fruit in het tasje. Daar gaan we zo meteen lekker op het strand van genieten.
Het strand heeft zwarte stenen. Dat weet ik nog van onze avond in Kamari. En wij dragen leren slippers. Nieuwe slippers. Geen optie dus. Waterschoenen hebben we nodig. En een flesje water. En een ijsje.
Na prachtige (blauwe) waterschoentjes te hebben aangeschaft, zoeken we een plekje op het strand. Wonderbaarlijk veel mensen liggen in de volle zon, te bakken, slapen, zweten. 😎 Met name alle kleuren blank, van bruinverbrand tot mokka, crème, net een beetje zongebruind, geelachtig, spierwit, transparant lichtblauw, lichtroze en vuurrood bedekt met laagjes witte crème.
Mensen wat doen jullie in hemelsnaam? Ik snap dat werkelijk niet. Dat liggen bakken in de gloeiend hete zon. Jullie zijn toch geen broodjes?
We worden begroet door mensen die het strand hebben toegeëigend en strandstoeltjes verhuren. Thanks but no thanks. Wij zoeken een plaatsje in de schaduw, tegen de wand, onder de overhangende terrassen. Heerlijk plekje. Perfect voor ons. Blijkbaar is dat niet ‘chique’ aan de gezichten te zien. Maar ik hoeft ook niet chique te zijn als ik daar niet voor kies. En tenslotte zijn we al heel veel budget verder aan kleding en hotelovernachtingen en onvoorziene kosten. En ik weet niet hoe lang dat nog gaat duren … en/of wanneer iemand iets met onze declaraties gaat doen. Dus … is 25 euro voor een middagje op een zonnebedje liggen, niet echt prioriteit 😉

We leggen onze spullen neer, zwemschoentjes aan, en heetheetheetheet is het zwarte zand wat tegen onze benen aan stuift. Hup het water in! Lekkerrrrrrr! 🌊 Rode mensen met witte shirts met lange mouwen zoeken broodnodige verkoeling in het water. Bloedmooie meisjes trekken hun rug extra hol voor de felbegeerde half-in-zee-foto. Overdadig gespierde jonge mannen betoveren de ogen van menig vrouw van middelbare leeftijd. Het is altijd weer lachen op zo’n druk strand. We zwemmen. 🏊🏼 Lekkerrrr. 💙 Heerlijk in het frisse water. 💦
Als we terug naar ons plekje lopen vind Indigo DE perfecte stenen om te ‘hakken’ … hij zoekt dan naar verborgen kristallen in het midden van de stenen. Mooie bezigheid 🏋🏼
Indigo speelt graag met stenen, bouwt, timmert, stapelt, hakt, gooit … wat dan ook. Een genot, denk ik dan, als je je een hele middag met stenen kunt vermaken.
Mijnheer de strandeigenaar met heuptasje denkt er anders over. Don’t do that here, go play there. ❌ Hij wijst naar de plek van onze spullen.

Indigo kijkt naar mij.

Ik knik. De knik van ‘kom maar hier’.

Mama is het strand van hem?

Ik zeg dat hij zich waarschijnlijk verantwoordelijk voelt voor de rust van alle gasten die op de strandbedden liggen of zichzelf graag belangrijk vind. 😂😂😂😂

Indigo haalt zijn schouders op. We zijn minstens een meter of 6 van de eerste bedjes vandaan. Waar maakt die kerel zich druk om. 😡 Niemand kijkt of lijkt zich ergens aan te storen. Sommige oudere mensen die langslopen glimlachen als ze hem bezig zien.

Ach ja. Whatever. ‘Kom maar hier spelen’. Indigo speelt. Na een klein uur zegt de man: ‘stop’ … Indigo moet stoppen met de stenen te spelen. ‘You need to stop!’

Okay okay het tikt en klopt wat, maar om nou te zeggen dat het meer herrie maakt dan alle andere geluiden om ons heen.
Maar weet je wat … denk ik … Laaaaaaat maar, ik ga niet eens in discussie, ik heb genoeg vandaag van kwaaie mensen die chagrijnig zijn om wat voor reden dan ook. En ik snap het niet. Dus laaaaat maar.
Laten we wat fruit gaan eten.

Fruit? Fruit? Euh … Fruit? 🍌🍑 Waar is het fruit. Zouden we het ergens hebben laten staan? Bij de waterschoenenwinkel misschien? ‘Of misschien had er wel iemand honger’ zegt Indigo.

Nou ja. Raarrrrrr … Hahaha. Past wel binnen het verhaal.
We gaan nog een stukje verder wandelen. Kijken of er een rustigere plek is, met minder ‘betaalde’ plekjes op het strand. Een paar honderd meter verder maakt het strand een klein bochtje. De golven zijn hoger. De stenen ruiger. Hier lijken de ‘minder chiquen’ te zijn. Meer handdoekjes op het zand. Meer kinderen met speeltjes. Het is superrrrrfijn in de golven! Jippie!

Er komt een einde aan de middag. We gaan naar de busstop. Het wordt drukker. Mensen gaan voor ons staan. En nog een rijtje extra. Ik heb ondertussen wel door dat fatsoen niet het grootste goed is hier. Zodra de bus komt gaan wij tussen de ‘voorkruipers’ door en stappen als één van de eersten in de bus. De bus is stampvol. Er blijven veel mensen staan bij de halte. Maar wij zijn in de bus. 👍

Alles zit en staat vol. Vlakbij Karterados banen we ons een weg door de mensen heen. Indigo ontpopt zich als ‘niet te flauw’ … Met een luid ‘excuse me, we need to go off the bus’ baant hij zich een pad. Ondertussen ben ik gewend aan het raken aan boze blikken en chagrijnige koppen.
Het is wonderbaarlijk om te zien hoeveel mensen er eigenlijk chagrijnig kijken, vooral ook gezinnen waarvan de één of de ander met een zuur gezicht zit, en de ander of de één fel reageert of de kinderen op hun lazer geeft. Mensen … Het is vakantie … relaxxxxx of ga niet met elkaar op vakantie haha. (Denk ik dan …)
Op de terugweg naar pension George zwaait de bakker. We gaan douchen. Ik vraag Helen waar we goed maar wat voordeliger kunnen eten. Ons diner komt van een Grieks restaurantje wat we bij ons pension laten bezorgen. Heerlijk. Indigo krijgt spaghetti voor 5 dagen. Ik krijg ballen van Smyrna. Klinkt als iets wat mij doet denken aan de voorloper van tuften. Hoe dan ook, het is superlekker. En simpel. Love it!
En voor morgenmiddag hebben we al lunch zo te zien aan de hoeveelheden. Om half 9 komt Olga. We gaan met de blauwe mobiel naar de bioscoop in Kamari. Buiten. De musicalfilm Mama Mia. In het Engels. Grieks ondertiteld. Het is een geweldig gave plek. Met echte stoeltjes en echte tafeltjes. Met kneuterige beeldjes. Met groot scherm. En met een bar. Het is echt supervet! En de film in tof. In Griekenland gefilmd, dus boordevol herkenning, super!!!! En Indigo is een echte musicalfan … De avond is op zijn lijf geschreven. Als we omhoog kijken zien we de nog bijna volle maan en sterrenhemel boven ons. Geweldig!   Sinds het begin van de 20ste eeuw is cinematography een deel van het sociale leven in Griekenland. Het is nog steeds het ideale avondje uit voor alle generaties Grieken. Cine Kamari is een moderne versie van het oude idee. Met traditionele architectuur. Bijna als een amphitheater, omgeven door oude bomen … Echt top!

In de auto terug zingt hij nog ‘Dancing Queen’ ❤️ … Dag Olga …

Naar bed. Welterusten schatteke. Morgen vroeg uit bed en naar de vulkaan. (En hopelijk bagage)

#006 … Lost luggage … Found silence …

Ochtend-luggage-update 18 augustus … Dag 5 Luggage Not found (yet) … #Aegean airlines gesproken. De bagage zou er moeten zijn … (Haha ja grapje) … maar is er dus niet. Ze zien niet waar de bagage is … Gisteren ook al niet. Niet via de luggage-trace-dinges in hun computersysteem. Echt slecht! Hoe moeilijk kan het zijn om 2 backpacks in Santorini te krijgen? De lieve dame bij de receptie van ons pension in #Karterados zei me dat ze onze kamer nog een paar dagen vrij gaat houden totdat we weten wanneer de bagage komt 😃👍 Lief!!! Zo lang kan het niet meer duren … Maar we zijn hier ondertussen ‘kind aan huis’ … kortom, nog even en we behoren tot de plaatselijke bevolking … ‘We are happy to have you here’ haha. Dat zal wel ja! Vandaag gaan we naar Pyrgos, avonturen beleven. Na een ochtendduik in ons privé zwembad en een lazy ‘ff liggen want we komen tenslotte net uit bed en zijn dus moe’ -actie, gaan we maar eens wat shampoo door onze haren wassen, en daarna de witte handdoeken (per ongeluk) blauw kleuren. Het blauw geeft nogal af bij de eerste paar wasbeurten. Haha. Het grijs komt tevoorschijn zie ik. Blauw met bruin en grijs … Past best goed bij de kleuren van het eiland. Misschien is dat wel het geheim van het blauw van de zee 💙

Over een paar jaar ben ik vast net zo wit als mijn vader 😬 …

Even in onze garderobe kijken, kiezen wat we vandaag eens zullen dragen. ‘Wat moet ik aan vandaaaaahaaaahaag’ Euhm … o ja, precies datgene wat we gisteren niet aan hadden.
We lopen via Helen onze gastdame voor een pleister, Indigo’s nieuwe geweldig gave slippers zijn nog wat stug, zoals dat gaat, dus er zijn wat kleine wondjes ontstaan. ‘O mama ik hoeft echt geen pleister hoor, het is maar een beetje kapot’Jaja, ik ken mijn prins op de erwt ondertussen. En het is snikheet dus sweaty … en we gaan een eind lopen … Dus we vragen ook een paar pleisters voor in de tas.

En hop daar gaan we. Op pad. We lopen via ons stam-mini-marktje bij de snorrevrouw (ze verkoopt ook scheermesjes maar dat is weer een ander verhaal) voor een paar flesjes water en gaan naar de local bus.
Het is een kilometer of 6 naar Pyrgos, goed te lopen dacht ik. Helen adviseerde de bus omdat we anders langs de doorgaande weg zouden lopen, waar soms wel en soms geen stoepjes zijn, en de mensen als gekken rijden. Dus we gaan naar de busstop. Het is 13.21 als we daar arriveren. Het timetable zegt dat de bussen om 13.20 en 13.40 en 14.00 gaan. We hebben de bus dus nèt gemist …

Om 13.40 komt er een bus. Die is niet voor ons. 13.45 Er komt er nog 1 en nog 1. Niet naar Pyrgos. 13.55 En nog 1. Niet naar Pyrgos. Ondertussen is het drukker aan het worden bij de bushalte, met name met jonge Aziatische mensen. Ondertussen is Indigo’s pleister al bijna weggedreven van de ene plek van zijn voet, naar een plek waar hij geen pleister nodig heeft. 
Het is reeds over 14.00 als ik een, naar het mij voorkomt, Griekse jongedame, aanspreek. Ik vraag of zij weet of de bus weleens een schemaatje overslaat. Ze lacht vriendelijk en zegt dat de bus vanaf Fira soms niet rijdt als de bus niet vol genoeg is, en dat de bus om 14.00 vanaf Fira start en dat het 8 minuten duurt voordat ie dan hier is. Ahaaaaa. Zij gaat naar haar werk in Kamari. Haar bus komt eerst. Onze bus komt vlak daarna. Kaartjes koop je in de bus. Er komt een vrolijke jongen langs met zo’n wisselgeld-verzamel-bakje en scheurkaartjes. Indigo heeft zijn eigen geld. We krijgen ieder een kaartje. Het hobbelt en bobbelt in de bus. Slingerwegen met gaten en bulten. Misschien een idee om de gaten te vullen met het materiaal van de bulten. Indigo’s waterflesje glipt uit zijn warme hand, en rolt tot 2 keer toe door de bus. ‘Mama ik vind het hier wel leuker dat niet alles plat is, want Nederland is best saai, maar dit gebobbel is ook echt vermoeiend zeg’ en hij zoekt naar zijn gordel. ‘Ik doe dit maar even vast dan blijf ik tenminste zitten, anders rol ik straks nog achter mijn flesje aan’. Onderweg is het mooi. Het landschap glijdt als een film aan ons voorbij. ‘Het is wel troeperig mama, ik zie overal plastic flessen van drinken tussen de muren gestoken, waarom is dat?’ … Mijn antwoord blijft uit, we bedenken dat mensen het leuk vinden om dingen ergens in te stoppen en ze graag hun troep kwijt zijn. De bus rijdt een rondje in een rotonde en rijdt weer terug. Indigo en ik kijken elkaar aan en halen de schouders op. De bus zal wel moeten draaien omdat dat ergens anders niet zomaar kan. Santorini met haar kronkelige bergweggetjes.Bijna 2 decennia geleden was ik hier met mijn liefste vriendin Barbara. De wereld was toen voor mij nog een onbeschreven kaart waar ik nog niet veel van had gezien, weinig vlaggetjes had geplaatst. Santorini bereikten we met een boot. Wij als kunstacademie studenten zouden de hele zomer gaan werken in #Griekenland. Na niet-te-evenaren avonturen in #Kreta stapten we toen op de boot naar #Santorini.

Met rugzak. Dezelfde rugzak als die ik nu bij me heb, euhm had … ooo shit waarrrr is verdorie die bagage!!! Toen we Santorini naderden was het alsof we in een sprookjeswereld terecht kwamen. Santorini beloofde de schoonheid die velen van ons slechts zouden zien op een ansichtkaart. Dat gevoel, deze zelfde betovering krijg ik in Pyrgos. Het wordt dan stil in mij. En ik wil 360 graden rondom me heen tegelijkertijd kijken. Pyrgos is net als een fantasie. Een droom. Onwaarschijnlijk. Dit krijg ik echt nooit op foto. We kijken onze ogen uit. Het is bloedverziekend heet. We zoeken schaduw. We vinden schaduw in de smalle straatjes die geen straatjes zijn maar traptreden. Hier rijdt niets. Hier kun je alleen maar klimmen en klauteren. Pyrgos is op de top van een heuvel gebouwd op zo’n 360 graden boven zee niveau en beloofd een fantastisch panorama over heel Santorini. Met elke stap hoger, ontstaat er weer een nieuwe ansichtkaartfoto in de beeldbank van mijn hoofd. Het is hier onwaarschijnlijk schots en scheef. Het stadje is gevormd door traditionele huisjes die gebouwd zijn rond een (vervallen) Venetiaans ‘Kasteli’, de huisjes en straatjes volgen de vorm van de heuvel en maken tesamen een labyrint-achtig netwerk. Indigo noemt het freaky en spooky en moet wennen aan de stilte hier. We zien huisjes waarvan je je afvraagt of er iemand woont, maar waarvan de waslijn verraad dat er mensen wonen. Ik raak altijd verliefd op de simpelheid, het ornamentloze, de dagelijkse schoonheid, de kleine huisjes en bouwstijl waarbij de natuur de gelegenheid krijgt zichzelf te blijven, de eigen vorm te behouden, en weer door de bouwsels van ons mensen door te groeien. Indigo wordt verliefd op de minuscuul kleine hagedisjes die overal tussen de stenen wegschieten. Het zijn niet allemaal dezelfde, heeft mijn grote kleine bioloog al snel ontdekt. Smaragd kleurige kleine snelle schichtige diertjes vallen wel op tussen alle witgekalkte stenen. Er vliegen ook vlinders, en het verbaasd me altijd dat Indigo moeiteloos soortnamen van allerlei dieren, insecten en planten zo uit zijn hoofd weet op te noemen. Door dingen te benoemen krijgt het een plekje in de rangorde ofzoiets … dat vraag ik me weleens af … Indigo benoemt, kletst, praat, analyseert, filosofeert de hele dag. Dat is non-stop vermaak.

Pyrgos is stil en rustig op dit moment van de dag. Katten zijn eigenlijk de enige bewoners die we tegenkomen. Wij zijn onderweg naar boven. Naar Kasteli. We komen een winkeltje tegen met sieraden. We zijn dit jaar nog niet ‘getrouwd’. Vanaf dat Indigo heel klein was gaat hij mee naar Sfinks. Toen hij een jaar of 2 was, en nog een hoop jaren daarna, wou hij graag met mij trouwen, en dat deden we dan elk jaar op Sfinks, dan lieten we een armbandje voor ieder van ons maken. Dit jaar was Indigo er niet bij op Sfinks. Dit jaar trouwen we op Pyrgos, blijkbaar. Ondertussen is het meer traditie dan geloof, want als je 10 bent denk je echt niet meer aan trouwen met je moeder. We vinden armbandjes blauw als de lucht, blauw als de zee, blauw als de details van de gebouwtjes, blauw als het licht in Indigo’s ogen. En we vervolgen onze weg omhoog naar Kasteli, waar een deel van nu een ruïne is, het is helaas ten onder gegaan tijdens de aardbevingen in 1956, en waar een deel van gebruikt wordt in het dagelijkse leven. Onderweg komen we oneindig veel kerkjes en kapelletjes tegen. We nemen een drankje halverwege en genieten van het prachtige uitzicht over zee, èn over het eiland, èn over het stadje zelf. Het is echt grappig om te zien. Vanaf boven. Sommige van de zichtbaar piepkleine huisjes blijken een zwembad op het terras of dak te hebben. Na het frisse drankje gaan we ‘Kasteli’ in. Nou ja ‘in’ … er is niet echt wat je noemt een ingang. We zijn er gewoon ineens ‘in’. Dat is zo fijn hier. Los van de structuur en het systeem van Nederland waar alles wordt afgebakend, benoemd, omlijst … We gaan linksom en rechtsom en proberen zo hoog mogelijk te komen. ‘Mama we gaan echt niet ergens op of in wat niet mag he?’ 😬 Op zich wel fijn dat Indigo zo voorzichtig en braaf is 😁Dat geeft hoop voor als zijn puberteit echt nadert. Er staan hier ook niet echt veel bordjes bij dingen ‘dat iets niet mag’ … maar mijn ‘niet-hoogte-vrees’ verleid me mijn leven lang al soms tot het beklimmen van muurtjes waardoor je nèt even wat verder kunt kijken. En Pyrgos vraaaaagt erom om nog hoger te willen, 360 graden rondom ons heen te kijken. Het is gaaf om te zien en in te leven dat Pyrgos ooit de hoofdstad van Santorini was. En dat de eilanden bestormd werden door piraten die het kasteel probeerden te veroveren. En soms veroverden. En in onze hoofdd ontstaan de beelden bij de verhalen dat de inwoners van Pyrgos hun huizen bouwden rondom Kasteli. En dat ze hun vijanden begroetten met kokend hete olie. Oefff dat waren ruige tijden. Vervlogen tijden. Alhoewel … piratenverhalen laten mijn hart wel sneller slaan. We zijn ondertussen al 3 pleisters verder. Het wondje op Indigo’s voet gaat irriteren. Op het hoogste punt zit Franco’s café. We lopen naar binnen. Ik vraag aan de charmante bar-mijnheer of hij een pleister heeft. Hij geeft Indigo een hand. ‘What is your name my boy’ ‘My name is Indigo’ … ‘Indigo what is your problem’ … Indigo laat zijn voet zien. De man tovert een ehbo kistje tevoorschijn. En nodigt Indigo uit om mee naar buiten te gaan en op de trap te zitten. Er komt een spuitbusje met ontsmettingsmiddel tevoorschijn. De man roept in het (voor ons) onverstaanbare passievolle Grieks naar de vrouw in de bar. Ze komt met een doekje. Hij spuit kwistig het ontsmettingsmiddel over Indigo’s voet en hij verteld dat hij er een verbandje op gaat doen omdat een pleister telkens losgaat. Zo komt zijn kennis over wonden verbinden die hij in het leger heeft geleerd, nog eens van pas, grapt hij. Indigo moet helpen met vasthouden en even later lopen we met een ‘bye Indigo enjoy your holiday’ en een ‘thanks a lot!’ weer verder naar boven. Dat is zo mooi. Herinneringen zaaien die positief zijn, dat is marketing op de lange termijn, het zou zomaar kunnen dat Indigo juist hier ooit terug gaat als hij zelfstandig gaat reizen. Ergens boven op de ruïne zijn 3 vrouwen. Wij gaan ook die kant op. Herkenning en een enthousiast ‘helloooooo hahahaha’ … De jongedame van de bushalte. ‘Did your bus arrive?’ ‘I’m a tourguide and I pick tourists from Kamari and bring them to Pyrgos every day’ Leuk. We maken een kort praatje. Nadat we het wel zo’n beetje gezien hebben, blijft er nog een oorbel hangen, van lavasteen, voor Indigo’s oorbellencollectie. We drinken onze flesjes water leeg. Het is heeeeet. Indigo wordt er helemaal flauw van. We gaan voor een wel hele late lunch en willen binnen zitten waar het koel is. We zijn de enigen. Buiten zit het terras vol. Wij kijken de Olympische Spelen. ‘Mama wist je dat schilderen ook ooit bij de Olympische spelen hoorden’? ‘Euhm nee …’We krijgen het eten niet echt op. Zeg maar gerust ‘echt niet op’ … Dit restaurantje is ook een ‘take away’, ik voel wat schroom maar ik vraag het toch … Of we het mee kunnen nemen. No problem. Bij het betalen vraag ik waar we het museum kunnen vinden waar we kunnen zien hoe mensen vroeger leefden. Een Amerikaan hoort mijn vraag en begint een gesprek met ons. Hij verteld vol enthousiasme over het kleine museum. Hij vraagt of we veel musea bezoeken. We knikken van ‘ja’. ‘Are you forcing culture into him’ vraagt hij. Ik schiet in de lach, en zeg dat het tot nu toe allemaal erg vrijwillig gaat en met een grote interesse. Met twee kunstenaars als ouders … gaat dat blijkbaar zo. De man wordt ineens enthousiast en verteld dat hij kunst vervoerd vanuit de hele wereld naar de USA. Leuk gesprek weer. We gaan het museum bezoeken. Naar boven weer. Gesloten. Shit. Indigo’s andere voet begint ook stuk te gaan. Er is hier geen drogist. We zijn vlakbij Franco’s café. ‘Hey Indigo! What’s wrong? Aaah mama you need to buy him new shoes’ … Het riedeltje herhaalt zich. Indigo krijgt een verbandje om zijn andere voet. We vertellen over de bagage en dat we daarom nieuwe schoenen hebben gekocht … ‘It happens a lot this season’ zegt de man, doelend op de bagage. We vragen waar de drogist is. Onderaan bij de busstop. We zeggen weer gedag … ‘Mama we ontmoeten echt veel lieve mensen he?’ 👌❤️ Bij de busstop vinden we de drogist en andersom. We kopen wat we nodig hebben. De busstop is aan 1 kant van de weg. We hebben aan de drogist gevraagd waar de bushalte is die de andere kant op gaat. Die is er niet. De bus draait een rondje want Pyrgos is de eindbestemming. O jaaa het rondje inderdaad 👍 …

We staan bij de halte. De bus komt. We zwaaien. De bus stopt niet.

‘Huh?’ …

We bedenken dat ie dat rondje gaat doen en zo meteen hier weer terug komt. De bus komt terug. Indigo zwaait hevig. De buschauffeur stopt. Hij wappert met zijn armen en lijkt iets te zeggen wat wij vanaf de andere kant van het raam niet verstaan. We rennen de bus in. De chauffeur wappert nog steeds en schreeuwt iets. Wat een drukte haha. Ik voel me bijna bezwaard. Bijna dan he … want hé hij reed ons voorbij … De jongen die ons op onze heenreis een kaartje verkocht komt naar ons toe. Ik vraag ‘is there a problem?’ ‘Yes madam, big problem, the busstop is on the other side of the road, you must wait under the tree’ … ‘Ahaaaaa but there wasn’t a bus-stop-sign … and you just passed us one minute before … ‘ ofzoiets. ‘I know madam, big problem!’

Okay … logica ‘zero’ maar dat maakt niet uit. Wij zitten. We betalen. We gaan naar Fira. Indigo wil nog niet naar het pension. We maken nog een rondje in Fira. En lopen daarna weer naar Karterados. Via snorrevrouw voor flesjes water. De winkel is open van 07.00 tot 22.30. Lange dagen. Zoals mijn ouders vroeger. Nog even een potje schaken. Pffff ik ben te moe om na te denken. Na een inspirerende inspannende dag vallen we in diepe slaap. Althans ik. Indigo maakt me om 0.07 wakker. Hij kan niet slapen. Te warm. Of ie even mag douchen. Tuurlijk … Ga maar douchen … Trusten …
Morgen hopelijk … bagage 🙏🏻

#005 … Lost trace … found shoes …

17 augustus: Status-update … Luggage not arrived (yet) … Dag 4.

Het nummer van het vlieveld in Santorini blijft onbeantwoord. Ik hoorde gisteren bij het winkelen in diverse winkels dat het dit seizoen erg vaak gebeurd, vertraagde bagage, verloren bagage … En dat het vliegveld onbereikbaar blijft. Gelukkig hebben wij Olga ontmoet. Ze sms’t vanaf het #vliegveld. Er is nog géén bagage… En dit keer ook geen nieuws. ‘I just checked again!! I am really sorry but nothing yet and they don’t have any information where they are! They are so rude here at the luggage lost and found!!! At least I hope you are having fun and enjoy your holidays. Kisses to both of you!!’

Vanmiddag poging nummer zoveel … Pffffffffff…

De moed zakt wat in de tè warme schoenen. ‘Mama ik wil vandaag even hier blijven tot dat we iets weten en dan kunnen we metéén naar het vliegveld en metéén gaan kamperen als het er is’ …

We ontbijten bij pension George vandaag. Ik vraag of er yoghurt is. We krijgen een ontbijtje waar wij wel 2 dagen van kunnen  eten. En Helen heeft English cake gebakken. Dat gaat er bij Indigo wel in! Ik heb gisteravond laat mijn declaraties voor de volledigheid en voorspoedigheid maar alvast naar de reisverzekering en de vliegmaatschappij gestuurd, en reeds daar bij vermeld dat, als er vandaag nog geen bagage is, dat we dan ook schoenen zullen moeten kopen, nou je, slippers of zoiets, iets luchtigs. Ik krijg uitslag op mijn voeten van de te warme schoenen. Het duurt nu ècht te lang!

Zwemmen. Spelletje. Rust vinden. Acclimatiseren. Beseffen dat het nu toch echt tijd word om niet naief te geloven dat de bagage a la minuut zal komen. Het geld wat mijn moeder met spoed heeft overgemaakt, zal straks binnen zijn. Fijn idee. Wij gaan na een lazy-ochtend maar eens naar het museum wandelen … In onze nieuwe outfits 👍 Lekker luchtig! … o ja we hebben in onze kamer een #poes (? 😼) … Euhmm… Ksssst weg poesje. Braaaaaaaf! #Santorini zit vol met poezen. En we mogen nog een dagje blijven in pension George. Zucht … Dat is heel fijn. Echt waar! Maarrrr … Ik wil backpacken, kamperen, het eiland over, en de andere eilanden bezoeken … Ik wil niet elke dag naar de receptie lopen met de mededeling: ‘our luggage isn’t arrived’ ‘do you have room left for this night’? … En elke keer zie ik weer 70,- euro wegglippen voor de nacht … Dat loopt de spuigaten uit.  En dan niet wetende of dat riedeltje nog veel vaker voor gaat komen … En niet weten of we überhaupt nog aan eilandhoppen toe gaan komen? Want elke dag is er de belofte dat de bagage eraan komt. Ik hoop echt morgen!

… De tuin bij pension George is mooi … ! Het zicht vanaf ons kamertje ook!En we kijken een stukje over #Karterados heen. We horen families. Stemmen. Verkeer. Honden. Poezen.

De mensen bij het vliegveld zijn nogal wat je noemt ‘rude’ … Het zal hun een worst wezen dat wij een soort van ‘klem’ zitten … Dat maakt het nog vervelender, de complete asociale houding en onverschilligheid. Halló mensen, ik ben hier met een kind van 10, wij willen graag een welverdiende vakantie vieren … Jullie zouden op z’n minst fatsoen en intermenselijkheid kunnen tonen in deze nare situatie.

Dus nou ja, als niemand ons aan meer informatie kan helpen … dan gaan we maar genieten. Dat is tenslotte ons talent. En waar je goed in bent, dat moet je maar doen dan hè? 😁 Onze vakantie hélemáál laten verpesten en alléén maar wachten … lijkt me niet echt de bedoeling. Het is de 4de dag. We hebben nog niks gedaan. We zouden eigenlijk vandaag of morgen al naar Amorgos gaan volgens plan … na alle opgravingen op #Santorini te hebben gezien … Indigo heeft komend schooljaar een periode over de Grieken … en geschiedenis is leueueuk!

Na het lieve ontbijtje van Helen en George (Zou hij eigenlijk Jorgos heten? Straks toch eens even vragen, hij is tenslotte een Griek, dan is je naam toch geen George?) en een duikje nemen in ons prive zwembad… Zijn we ons dipje weer te boven voor vandaag.

Dat is eigenlijk best wel cool 💙🏊🏼 en na daar heel erg ontzettend mega-lui-niet-des-Anne’s te hebben genikst, gaan we tòch op pad, naar het #archeological #museum.

We wandelen de weg richting #Fira. In de verte zien we Fira. Het stadje. De berg. Of heuvel. (Vanaf welke hoogte is de aarde eigenlijk een berg of een heuvel?) De snoepkleurige huisjes. Het water van saffier. Matwitte gebouwen. Bomen die witgekalkt zijn tot 1,5 a 2 meter boven de grond, schichtige poesjes en alle tinten blauw en groenblauw die je als artiest wensen kunt. Mijn hart gaat altijd sneller kloppen als ik me op vulkanische gronden begeef. Dan wil ik elke keer weer vulkanologie gaan studeren. De aardlagen, de woeste vormen, de diversiteit van gesteentes, van kleur, van hardheid, van zwaarte. #Fira is de hoofdstad van Santorini, zij lijkt geplakt te zijn tegen een steile wand van een enorm imposant ravijn op een hoogte van 260 meter. Santorini is echt waanzinnig indrukwekkend mooi. Circa 75 vierkante kilometer vulkanisch gebergte met daarop helaas massa’s mensen. In vergelijking met toen ik jaren eerder hier was, is het ‘iets’ te toeristisch geworden als je het mij vraagt. Waar nomaden en kunstenaars uit de hele wereld zich vestigen, jonge mensen verliefd worden en blijven … daar waar het uniek en speciaal is, wordt het meestal op den duur ‘te druk’ en weg geraakt de authenticiteit. Dat is eigenlijk jammer. Prijzen zijn schrikbarend hoog. Men lijkt er een eiland van te willen maken wat voor de elite is, hoorde ik in de wandelgangen. En wij doen hier uiteraard al ‘vakantie-vierend’ op ‘deze onverwachtte manier’ gewoon aan mee.

Vooral omdat we ‘in de stad’ zijn, is de drukte merkbaar. Heet! Dorst! Een milkshake kost zo tussen de 8 en 10 euro. Dat is toch echt iets wat zooo vaak over de kop gaat. Ik wil best een stuk of 40 milkshakes per dag maken voor 8 of 10 euro per dag … Dan hoeft ik nooit meer wat anders te doen haha 😜

Het is heeeeeeetheetheetheet zeg als we Fira in lopen. Pffffff … kweenie of onze nieuw aangeschafte factor 15 hier tegen opgewassen is … Het brand op onze nog wat blanke huidjes. We zoeken het museum. Tussen de charmante witte huisjes en gebouwtjes met blauwe raam- en deurkozijnen die van elkaar gescheiden zijn door smalle besteende straatjes, zie je gebouwen terug die gebouwd zijn in de tijd van de Venetiaanse invasie. Vanaf deze hoogte heb je een prachtig uitzicht op de vulkaan. Wij zijn altijd op zoek naar informatie over de locaties waar we zijn, kijken graag wat laagjes dieper, verder, terug etcetera, zodat we weten wat we voelen, snappen wat we zien, en ons kunnen proberen in te beelden hoe het was, en ook waarom.

Het Archeologisch museum en Megaron-Gyzi museum staan op de to-do-list voor vandaag, en de oude haven, die te bereiken is met een trap van 587 treden.
Waarrrr is in hemelsnaam het museum? Normaliter zouden we, volgens de lijn der verwachtingen, wel ergens een aanwijzing staan 😬 Daar staat wel een gebouw wat er mogelijk op lijkt. Waarrrr is de ingang van dat gebouw. Misschien linksom? … nope … Rechtsom dan? … O ja daar is de entree. We gaan een ticket kopen. Het museum is geopend tot 15.00. Hoe laat is het nu? 14.00. Een uur de tijd? Is dat genoeg? De aardige dame aan het loket geeft aan dat het een vrij kleine tentoonstelling is. Let’s go. Er zijn poortjes waar je òf langs kunt lopen òf doorheen. Ik loop erlangs. Indigo wil er doorheen. Het poortje begint te piepen. En niet een beetje. Een soort ‘alarm’ geluid. Schoorvoetend maakt ie dat ie wegkomt. Het loket is een stukje terug. De ingang een stukje verderop. Het zal wel goedkomen met dat piepje. ‘Echt mama?!’ ‘Ja joh natuurlijk, kom we gaan naar de expositie anders zijn we zo weer een half uur verder haha’ … Binnen aangekomen werden we meegenomen in een lang vervlogen tijd. Uitleg van en stukken uit een opgraving van prehistorisch Thera, een locatie die aan de andere kant van het eiland te bezichtigen is… redelijk vlakbij het vliegveld, waar we morgen toch maar weer eens naar toe gaan #zucht 😳Gaaaaaaf! Altijd gaaf om te zien. Fossielen van planten van kweeniehoeveeleeuwengeleej … Hele vroege stukken van stenen en keramische potten, kannen, kruiken, vazen. Opvallende omhoogstaande tuiten geven sommige stukken bijna iets dierlijks. ‘bird jugs’ veelal gedecoreerd met zwaluwen. Schilderingen. Imposant zeg! Sommige brokstukken zijn niet bewaard gebleven. O jee we krijgen op onze kop, mensen mogen níet op de foto. De getoonde stukken wél. Rara. Waarom? Het antwoord is: ‘Gewoon omdat het niet mag’ … Haha dat is een lastig antwoord voor 2 mensen die nooit gestopt zijn met vragen ‘waarom’ …Bronzen wapens en gebruiksartikelen. Een overzicht van hoe Thera was opgebouwd in maquette vorm. Kortom: tof! Indigo fotografeert dat het een lieve lust is. Ik vind het zo leuk dat hij breed geïnteresseerd is … en komend jaar op school komt er, zoals gezegd, een periode over de Grieken. Beeldmateriaal kan dan handig zijn. Als we het museum weer uit lopen, piept het poortje nog steeds. Indigo slaat de hand voor de mond. ‘Oeps’

Na het museum is het tijd voor wat drinken en een late lunch. We zijn lekker compleet uit ons ritme … het scheelt al een uur met thuis, en mijnheertje ‘uitslaap’ wordt in de ochtenden niet al te vroeg wakker. Ik heb dus zeeeeeeen van tijd in de ochtend om te tekenen, schrijven, lezen en wat al niet meer …De keuze is reuze in het restaurantje. Indigo is echt zo’n fan van alle inktvis-achtigen. Het wordt squid. En ik een salade want ik voorzie al dat dat gerecht van Indigo teveel voor hem gaat zijn. Mjammie!!!!!!! Met goedgevulde buikjes vervolgen we ons avontuur. Missie: schoenen.

We botsen tegen een winkeltje aan met ‘echte schoenen’ en een klein uur later, en een hele hoop klets later, hebben we allebei nieuwe slippertjes, en weten we alles over de drie kinderen van de eigenaar ‘Nikos’ van de winkel … Zijn bagage was ooit 40 dagen kwijt, tijdens een trip naar Australië, dat was via Ethiopië naar Singapore gegaan en naar Australië en toen na 40 dagen naar Griekenland. Lekker geruststellend idee vond Indigo. Die werd een beetje benauwd bij het idee dat onze bagage deze vakantie misschien niet meer zou komen. Verdorie, het zit ook echt de hele dag in ons hoofd ‘waarrrrr, wanneerrrrr’ en het gevoel dat we niet echt door kunnen. De plannen waren zo dat we Santorini nu toch wel gezien zouden hebben en reeds op een ander eiland waren … Tenslotte gingen we eilandhoppen. Hup met nieuwe slippers op naar de trappen … omlaag. Omhoog zouden we nog zien, met trappen of de kabelbaan. En mijn schildkliermedicatie zit in de backback, en ik neem weliswaar sinds kort een mindere dosis, maar al dagen zonder … is niet zomaar de bedoeling eigenlijk. Eigenlijk moet je dat dan afbouwen … En als ik straks de medicatie weer heb, moet ik het weer opbouwen … Maarrrr … ik moet zeggen dat ik nog behoorlijk fit ben … 👍 De trappen dus. Hoeveel zijn het er ook alweer? Meer dan 500. Grappig feit is dat de treden zo groot zijn dat je minimaal 2 stappen op 1 trede zet. Het is dus geen trapje. Bijzonder is dat de treden schuin zijn en je dus met nieuwe slippers moet opletten dat je niet voortdurend op je achterwerk beland. Indigo kijkt graag vooruit en niet zo vaak naar beneden en hij lag al een paar keer plat. De treden liggen her en der vol ezelpoep. Gelukkig droog! Van lachen tot huilen en vloeken waren de reacties. Het uitzicht is formidabel. Tegen de klif groeien cactusplanten, deze dragen vruchten. We lopen voorbij een kleine bar en daar zien we manden vol cactusvruchten. Proeven? Ja proeven natuurlijk! We beginnen maar eens met ééntje voor samen. Met een prachtig uitzicht over zee en over Santorini en de vulkaan, genieten we van ons cactus-nektar-drankje. Mjammie! Lekkerrrrrrrrr. Zoals het een echte heer betaamd vraagt Indigo telkens de rekening en doet de betalingen. Goede manieren moet je leren, toch? 15 euro? Hahaha … Okay be betalen hier voor de schone lucht. Les 01: vragen wat iets kost. Vroeger waren de prijzen voor dergelijke drankjes hier nog geen tiende! We vervolgen onze tocht omlaag. Nu word het spannend. Er loopt niet 1 ezel, niet 10, niet 100. De treden zijn nu bezaaid met stront. Indigo is gek op dieren. Gek op paarden, ezels, muilezels. En echt niet bang voor dieren. Hij rijdt paard. Maar dit pad is vol, met teveel stront en met teveel toeristen die op ezels en muilezels zitten te hobbelen en niet weten hoe te sturen. Zij willen óf omlaag, óf omhoog. Sommige ezels verzetten geen stap. Wij willen omlaag. Na een bocht of 5 en zo’n 250 treden later, zijn we te vaak tegen de rotswand aangeplet door een onnozele toerist die niet doorheeft dat je zo’n dier kunt sturen met je teugels. #zucht

Ik ben groot genoeg. Indigo niet. Hij is te klein, te kort, te laag, en niet sterk genoeg om met zijn schouder de ezels van zich af te houden. Het is eigenlijk ook niet te doen en levensgevaarlijk. Met te weinig ezel-baasjes, misschien 1 op 10 a 15 ezels. Levensgevaarlijk voor de dieren met name!

Indigo in paniek. Dikke paniek. ‘Mama daar komen ze weeeer!’ Wat ik ook probeer. Rustig ademhalen lukt niet. Huilen. Schreeuwen. Bang. Bovenop een steen in een hoekje bij een bocht. ‘Kom Indigo dit is de buitenbocht, hier komen de ezels sowieso langs, kijk maar daar bij de volgende bocht, dit is geen goede plek om te staan’ ‘Mamaaaaa ik wil niet meer. Ik ben bang. Ik ben bang. Ik ben bang. Ik ben bang’ …

‘Okay. Wat willen we. Omhoog terug of omlaag verder. We zijn op de helft. Hier blijven is geen optie’

… ‘Huilen’

Een uitgeputte te zware dame probeert stap voor stap omhoog te komen. #respect. Ze stopt bij ons. ‘Are you tired?’ ‘No I’m afraid, I’m so fucking scared, I wish the donkeys to be free and the people walking by feet, the stupid tourists don’t know how to contol and ride them’ Zegt Indigo… Hatseflats. ‘Don’t be afraid, they won’t hurt you’ … ‘Yes they did, they pushed me against the rocks, I am not afraid of the donkeys, it aren’t donkeys, it are muildonkeys (mama hoe heet dat?) I am scared because the people are just laughing and don’t know how to take care of the walkers’ …

O jee daar komt weer een dozijn ezels met giebelende toeristen. Vrouwen met name. De ezels en muilezels zwalken over het brede pad van trappen. Het ziet er echt niet uit. Indigo wil omhoog. Voor de dieren uit. Okay let’s go. Een 100 treden verder staan muilezels zonder mensen erop. Aan elkaar met kettingen. Met de kont richting pad. ‘Fuck’ zegt Indigo, ik wil niet achter de poten door. Dat snap ik. Stomme manier van ‘wegzetten’ van je dieren ook. Het trappenpad is veel breder dan dat de poten van de dieren zijn. We kunnen er met gemak achterlangs. Maar Indigo is in paniek dus overziet niet alles. ‘Kom schatteke let’s go, ik loop aan de kant van de dieren, houd mijn hand vast, er gaat niks gebeuren’ ‘Hoe weet jij dat?’ ‘Omdat ik dat voel, en zie, de ezels zijn superrustig als er geen mensen op zitten, kijk maar’ …

We lopen. Indigo heeft een mantra. Niet een echt helpende (denk ik?) ‘ik ben zoooo bang, ‘ik ben zoooo bang, ‘ik ben zoooo bang, ‘ik ben zoooo bang … Uiteindelijk zijn we de dieren voorbij. Nog een trede of 30 verder staat weer een clubje ezels. ‘Mama ik durf echt niet!!!’ …

De klim van de 30 treden op in de hitte is het eerste wat we moeten doen. Daarna zien we weer verder. Indigo is koppiger dan alle ezels op het pad. Hij verzet geen stap. ‘Mama ik wil het wel durven maar ik durf het niet’ met daarna een nieuwe mantra ‘ik ben echt heeeel bang, ‘ik ben echt heeeel bang, ‘ik ben echt heeeel bang, ‘ik ben echt heeeel bang … En we zijn boven! Yessss! Nog even vloeken, stampen en het leven alles verwensen … en hij lacht weer. Of we met de kabelbaan naar beneden zouden gaan … ‘Misschien morgen’ … Van Indigo hoeft het vandaag niet zo. We zoeken schaduw onder een boom, drinken onze flesjes leeg en lopen stilzwijgend de smalle straatjes door op zoek naar stilte en rust. Omhoog een steegje in. Hey daar is dat andere museum waar we naar toe zouden gaan. Daar is het heerlijk rustig. Er zijn niet zoveel mensen in de musea. Sterker nog: we zijn de enigen. Mooi zijn de getekende kaarten, en foto’s van Santorini voor de aardbeving halverwege de vorige eeuw. De miniatuureandjes trekken Indigo’s aandacht. Dàt gaat ie ook maken!Tegenover het museum in het steegje lopen we een galerie in met houtsnijwerk en kunst gemaakt van hout. We raken aan de praat met de uit Albanië afkomstige woodsculptor Eduart die sinds zijn 14de jaar in Santorini woont en werkt. We vertellen hem over het werk van onze bevriende houtkunstenaar Jop, Indigo googled hem, en even later staan we met zijn drieën Jop’s en elkaars werk te bekijken, wisselen contacten uit en vervolgen onze weg. We zijn beland in een stukje Fira met galeries en bezoeken er een aantal. Indigo vraagt altijd naar naadjes van de kous en hoe dingen gemaakt worden. Zo leuk! Ik geniet volop van hem en met hem. Heerlijk joch! Na de galeries komen we bij een restaurantje met een waanzinnig uitzicht. We ploffen even neer. Zullen we wat eten? Een voorgerechtje dan … we bestellen wat  voorgerechtjes… Indigo heeft geen honger zegt hij, de angst zit nog in zijn lijf. ‘Eigenlijk wil ik gewoon nu onze bagage en doen wat we zouden doen, mama, ik ben er moe van en ben bang wat er gebeurd als het niet terugkomt want dan kunnen we niet gaan kamperen en eilandhoppen, wat gaan we dan doen?’ 

#zucht … ‘Schatje morgen gaan we naar de luchthaven, en bel ik alle nummers die we hebben, en … ik weet het ook niet, ik weet alleen dat we het beste kunnen proberen om rustig te blijven en te genieten van alles wat er wèl is’ …

Hand in hand lopen we, de 2 km terug naar ons pension. Het is mooi hier. We beginnen de weg te kennen. Dat betekent dat we al te lang op 1 plek zijn. Het wordt de hoogste tijd … dat onze bagage komt. Het duurt nu echt te lang. En we hebben ondertussen het budget wat ik had voorzien voor de hele vakantie al opgemaakt aan kleding, hotelovernachtingen enzovoorts. We mogen nog dik 2 weken, moeten nog een paar keer het water oversteken … Wij willen onze bagage. Is dat teveel gevraagd?
Morgen weer een dag.